Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

WAARBORGKAPITAAL

- WATERKLERK

waarborgkapitaal: guaranty-fund.

Waarborgmaatschappij: Onderlinge w.: Mutual Insurance Company.

waard: worth; worthy. — het artikel is zijn geld w.: the article is a good value. — het is de moeite niet w.: it is not worth while.

waarde: value*; seourity; worth. — werkelijke w.: actual value. — w. ontvangen: value received. — van geen waarde: void (zie:accomplish). — deze handteekening heeft geen w.: this signature is inoperative. — stuk van w.: valuable document. -— ter w. van: of the value of.

waardeeren: to appreoiate.

waardeloos: worthless. — w. maken: to cancel. — w. worden: to lose its value; to become worthless.

waardemeter: Standard of value.

waarderecht: ad valorem duty.

waardestandaard: Standard of value.

waardevermeerdering: increase in value; appreciation.

waardevermindering: depreciation (in value).

waarheid: truth. — achter de w. komen :

to get at the truth. waarmerk: stamp.

waarmerken: to stamp; to countersign. — een chèque w.: to certify a cheque. —

waarnemen: iemand's betrekking w.: to discharge (= to perform) a person's duties; to fill (= to ocoupy) a person's post. — iemand's belangen w. i to attend to (= to look after) a person's interests. — een gelegenheid w.: to avail oneself of an opportunity.

waarnemend consul: acting consul.

waarschijnlijk: probable; probably. — het is niet w. dat deze fondsen weer zullen opleven: these stocks are not likely to be brisk again.

waarschijnlijkheid: probability; chance. — naar alle w.: in all probability.

waarschuwen: to wam.

waarschuwing: warning.

wacht: in de w. sleepen: to net.

wachten: to wait. — met de aflevering w.: to delay the delivery. — de te w. wijzigingen: the alterations that are to be (= that may be) expeeted.

wagen: to venture; to risk. — zich in een onderneming w.: to embark on a venture. — wie niet waagt, wie niet \

DB FROB, Woordenboek.

wint: nothing venture nothing have.

wagenvracht: cartload.

wagon = waggon: wagon*, — franco w. Manchester: free on rails (= free on truck) Manchester; on rail Manchester.

wagonhuur: wagon hire.

wagonlading: wagonload.

waken tegen: to be on one's guard against. — voor iemand's belangen w.: to watch a person's interests.

wal: franco w. Southampton: free * on quay Southampton. — van den w.: ex quay. — aan w. brengen: to land.

— een winkelier die aan lager w. is geraakt: a decayed tradesman.

walbaas: master porter; doek superintendent; superintendent.

walgen van: to be disgusted with.

wan: een wanne baal: a slack bale.

wanbeheer: mismanagement.

wanbetaler: defaulter.

wanbetaling: non-payment. — bij w.: in case of non-payment; in default of payment.

wankel: een bank die w. staat: a shaky banking-house.

wankelend: een w.e markt: an uncertain (= unsteady) market.

wantrouwen: met w. aankijken: to look upon askance (= with suspicion) ; to place on the black list.

wanverhouding: disproportion.

wanvraeht: dead freight.

war: in de w. zijn: to be in disorder.

— iemand's berekeningen in de w. sturen: to upset a person's calculations..

warenhuis: department store; store *;

depot. — houder van een w.: general

(= universal) provider. warenkennis: knowledge of mercantile

wares.

wasdoek: oil-cloth. — met w. bekleede kisten: oil-cloth lined cases.

wascheeht: fast dyed.—w.èstof : washable (= washing) fabric.

wasschen: bestand zijn tegen w.: to stand washing.

water: een schip te w. laten: to launch a vessel. — vervoer te w.: watercarriage; water-transport. — vervoerd bij w.: water-borne.

waterdicht: water-tight; waterproof; proofed. — w. schot: bulkhead.

waterklerk: shipbroker's derkv

Sluiten