Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

UIT : DOOR DER GETIJDEN EOOP II. IV.

Wat ruischt ge boomen ? Uw toppen beschrijven

eindeloos cirkels, zwiepende op en neer,

er is felle beweging in uw lijven,

zij werpen zich vooruit als in een meer

een zwemmer — kómen ze vooruit ? Ze blijven

gebonden; om vandaag en morgen weer

los te schieten in schijn en weg te drijven,

maar zich te wringe' in vruchteloos begeer.

Welk een zielsangst zou dat zijn te gelooven dat al het woelen en onstuimig razen waarvan de maatschappij bruischt als een zee ons terugbrengt, na wat onder en boven op d'eigen plek; maar dit's denken van dwazen: zij zelf beweegt zich, en wij met haar mee.

UIT : IN SCHADUW VAN DEN DOOD. VI.

Holland gij hebt zwellende wolken-stoeten

uit verre hemel-velden aangevlogen,

gij hebt horizonnen, zacht omgebogen

van oost naar west zonder eenmaal te ontmoeten

lijn die ze snijdt; en wijd-gespannen bogen van stranden en van zeeën om ze henen gaand tot waar zij met heemlen zich vereenen die uw schijn van oneindigheid verhoogen.

Sluiten