Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De lijnen van uw land en van uw water

wekken in ons onpeilbare gedachten

verlengen zich tot eindeloos begeeren.

Onze oogen proeve' iets groots en daarvan gaat er

een trek van grootheid door ons geestes-trachten

en zijn wij thuis in grenzelooze sferen.

UIT: GEBROKEN KLEUREN. II. IX.

Ruik ik de reuk der bloesemende linden, ruik ik de reuken waar ik eens van zong toen zang en geur aanwiekte' op alle winden,

dan glijdt een vroeger zoet over de tong dan voel ik even de bekoring weder die toen ik vol verlangen was en jong

lag over alle wezens, hemelsch teeder.

Zoete gevleugelde herinneringen,

geurwinden die, schoon lichter dan een veder,

zwaar van het liefs voorbijgeganer dingen klapwiekt om onze ziel, den ingang vindt, en 't lang-geslotene doet open-spiingen —

ik groet u, die mij nadert welgezind

als eenmaal, maar ik weet het is verloren

dat u de man, gelijk de jongeling mint.

De geuren van den zomer zijn herboren, zij brengen tijding voor wie tijding wacht, bewegingen der ziel, binnenste koren ;

Sluiten