Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij dekken niet hun kale kruinen, hoe ook de hitte aan kracht gewon ; zij zijn, als bloemen in de tuinen, ook alle kindren van de Zon.

Natuur is zelf hun ouderpaar en speelt voor hen met wind en wolken; en hoe zij spreekt, zoo licht zoo klaar, kan tóch geen menschentaal vertolken.

De beesten dragen als een schat de knapen op hun ruggen fier; dan gaan zij samen naar hun bad, want 't water zegent mensch en dier.

Het reinigt niet alleen hun lijven, maar doet hun harte' elkander vinden: zooals zij daar al stoeiend drijven zijn dier en mensch getrouwe vrinden.

In harmonie met de natuur zoo leeft dit kroost van Java-land en voelt zich innig uur aan uur met al wat leeft en bloeit verwant.

Gedenk die knapen, o mijn broeder,

in al uw hoop en al uw Strijd;

wel bloeit uw hof, nw geest wordt vroeder:

toch dort uw hart in eenzaamheid.

Die naakte kindren zijn mij heilig, zij fcijn mijn gidsen in mijn nood: hen voedt en laaft en koestert veilig de Wereld-moeder in haaf schoot.

Sluiten