Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ouder waarheid zilvren vreê — Nu om nimmer te vergeten — Heb ik weer op nieuw geweten Aan de blanke morgenzee.

HET HARDE DICHT .. .

Het harde licht Was eindelijk gezonken . . . Ik doolde eenzamer, dan ik immer placht Dangs de oude wegen, wijl de starren blonken. Over de velden woei de koele nacht.

Mijn stille handen streken door de hooge, Donkere halmen van het bloeiend gras, Die gleên zoo licht, zoo luideloos bewogen, Of 't niets dan even-voelbre schaduw was.

Daar was geen pijn om mijn doorschreide uren, Geen vrees voor nieuwen morgens wreede licht. . Zooals een bloem vóór 't nachte-donkre duren Vouwde mijn smart haar roode bladen dicht.

Daar was alleen de zachté nacht en kalme Gelatenheid om mijn verloren waan, Ik voelde 't leven als de donkre halmen, Een koele schaduw, langs mijn vingren gaan.

(Uit: Verzen.)

Sluiten