Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aangegrepen door dit schouwspel bleef de Volmaakte staan. Vreugdevol begroette hij de welbekende toppen; aan welke voor hem zoo talrijke herinneringen verbonden waren: — „de Grauwe hoorn", „het Breede Juk", „de Zienersklip" en „de Berg der Gieren" — „wiens fraaie top als een dak boven de anderen uitsteekt" — maar vóór alles de Vibhara, de berg der heete bronnen, wiens spelonk bij den Sattapaniboom den zwerver een eerste rustplaats op de lange wandeling van Sansara naar Nirwana bereid had.

Want toen hij destijds „nog in den bloei zijner jeugd, met glinsterend donker haar, in den aanvang van den mannelijken leeftijd, ondanks de beden zijner schreiende ouders het vorstelijke, vaderlijke huis in het land der Sakyer verliet en zijn schreden zuidwaarts richtte naar het dal van den Ganges, toen vergunde hij zich voor het eerst ginds in de Vibhara-spelonk een langere rust, terwijl hij iederen morgen naar Rajagaha ging om zijn spijs op te halen. In deze spelonk had ook eenmaal de koning van Magadha, Bimbisara, hem opgezocht en hem • bezworen naar zijn ouders en het leven in de wereld terug te keeren, totdat hijzelf door de taal van den jongen asceet tot andere gedachten gekomen, zulk een vertrouwen in hem kreeg, dat hij later een der trouwste aanhangers van Buddha werd.

Sedert dien was er een lange tijd voorbijgegaan — een vijftig jaren, gedurende welke hij niet alleen zijn eigen levensloop had gekeerd, maar ook dien der wereld. Welk een onderscheid tusschen nu en den tijd, dat hij daar boven in de spelonk bij den Sattapanni-boom ver-

Sluiten