Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEDE HOOFDSTUK. De ontmoeting.

Bij den eersten huismuur, dien Buddha blauwachtig tusschen de boomen zag schemeren, dacht hij daar een schuilplaats te vinden voor den nacht. Maar de deur naderende, ontwaarde hij er een net, dat aan de takken van een boom was opgehangen.

En de Volmaakte ging verder, het huis van den "vogelvanger versmadende.

Aan dezen buitenkant der voorstad stonden, de huizen slechts spaarzaam verspreid, zoodat het eenigen tijd duurde eer Buddha weder aan een menschelijke woning kwam. Deze bleek te zijn het verblijf van een welgesteld brahmaan. De Volmaakte was alreeds de poort doorgegaan, toen hij hoorde hoe de beide vrouwen van den brahmaan elkaar met schreeuwende, gillende stemmen scheldwoorden naar het hoofd wierpen.

En de Volmaakte trad weder de poort uit en schreed verder. De met boomen beplante tuin van dezen rijken brahmaan strekte zich een goed eind langs den weg uit. Reeds een tijdlang had Buddha moeheid bespeurd en toen hij nu verder liep, voelde hij pijn in zijn rechtervoet, dien hij in de duisternis aan een scherpen steen had gestooten. In dezen toestand bereikte hij het volgende huis, hetwelk men reeds van verre zien kon, aangezien door het traliewerk der vensters en de open deur dwars over den weg licht viel. Maar zelfs indien

Sluiten