Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de stralen van gindsche maangestalte, hoewel haar stralen mij alleen konden naderen door den nevel der herinnering; toch koesterde ik met vertrouwen de hoop dat zij mij dienzelfden avond nog zouden verkwikken, daar buiten in het lustpark. Maar ook dezen keer werd ik teleurgesteld. Nu wilde Somadatta mij medenemen naar een speelhuis; hij was namelijk even verzot op de dobbelsteenen als Nala nadat de demon Kali in hem gevaren was. Ik gaf echter voor te vermoeid te zijn. Maar inplaats van naar huis te gaan, begaf ik mij weder naar de trappen en liet mij op de rivier roeien — helaas met denzelfden uitslag als den vorigen avond.

Daar ik overtuigd was dat er voor mij geen sprake kon zijn van slaap, lei ik mij niet te bed, maar zette mij neder op een zodenbank die opgesteld was aan het hoofdeinde van het bed en bestemd tot gebed. Hier bracht ik'nu den nacht door op een vrome en passende wijze, met innerlijke zelfbeschouwing en gebeden tot de lotus-dragende Lakshmi, haar hemelsch evenbeeld.

De aanbrekende dag vond mij reeds opnieuw bij mijn arbeid met penseel en verf.

Op deze wijze waren verscheidene uren voorbijgegaan, toen Somadatta binnentrad. Zoodra ik hem hoorde aankomen, had ik nog juist den tijd het teekenraam en verder gereedschap onder het bed te verbergen. Ik deed dit geheel onwillekeurig.

Somadatta nam een lagen stoel, zette zich naast mij neder en keek mij glimlachend aan.

— Ik bemerk, zeide hij, dat ons huis de eer zal genieten het uitgangspunt te zijn van een grooten heilige.

Sluiten