Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TIENDE HOOFDSTUK. De geheime leerstellingen.

Aldus: de 476 Sutram luidt:

„Ook de goddelijke, meent gij? — Neen! Geen aansprakelijkheid — op grond van de ruimte, de schrift, de traditie." —

De eerwaardige Vajacravas verklaart dit op de volgende wijze: „Ook de goddelijke'11 — namelijk straf. Want in de voorgaande Sutram was er sprake van de straffen waarmede vorsten of machthebbers de roovers bedreigen, als: afkappen van hand, voet of neus; de kokende ketel, de pekkrans, de drakenmuil, spitsroeden loopen, de martelbok, begieting met kokende olie, verslinding door wilde honden, gespietst worden; allen voldoende redenen voor den roover om zich niet te laten vangen en wordt hij gevangen, met alle middelen te trachten weer te ontvluchten.

Nu meenen sommigen: ook de goddelijke straf bedreigt den roover. „Neen", zegt nu onze Sutram en wel op grond dat er geen aansprakelijkheid is. Hetwelk zich laat verklaren op drie wijzen: door het verstand, de Vedaboeken en de overgeleverde heldenzangen.

„Op grond van de ruimte" — hiermede wordt de volgende beschouwing bedoeld: Wanneer ik een mensch of dier het hoofd afhak, dan gaat mijn zwaard tusschen kleine, ondeelbare deeltjes door, maar deze deeltjes zelf kan men geen schade doen, uithoofde van hun ondeelbaarheid. Wat er dus doormidden gesneden wordt, is

Sluiten