Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

duisternis te laten doordringen, dan zou zulk een lichtstraal langzamerhand helderder kunnen worden en wanneer dit schepsel daardoor de menschelijkheid nader kwam, zou het bij een later verschijnen op aarde er de leer van den Volmaakte aantreffen en deze leer van hem, dien hij had willen dooden, zou het den weg wijzen ter verlossing.

Vervuld van deze gedachte, bleef de Volmaakte midden op den weg staan, hief geruststellend zijn hand op, keek het razende dier vriendelijk aan en sprak het met zachte woorden toe, wier klank zijn hart bereikten.

De reusachtige olifant staakte zijn stormloop, schudde twijfelend-zijn bergachtigen kop heen en weer, en, in plaats van het donderend geluid dat hij eerst had laten hooren, bracht hij nu enkele, bijna angstige trompetstooten te voorschijn. Daarbij bewoog hij zijn snuit zoekende in alle richtingen, zooals in het bosch een gewonde olifant doet, die het spoor van zijn verscholen vijanden is kwijtgeraakt en het nog hoopt te ontdekken — en zeker had ook deze zich in zijn vijanden vergist.

Eindelijk kwam hij den Verhevene langzaam nader, totdat hij op nog enkele schreden van hem verwijderd, zijn knieën boog, zooals hij gewend was te doen als zijn heer hem wilde bestijgen. En gevolgd door den getemden olifant, trad toen de Volmaakte tot beschaming zijner vijanden het park in, waarheen hij zich juist had willen begeven.

Op deze wijze — zoo besloot Buddha zijn vergelijking — herhaalde de Volmaakte Krishna's strijd met den olifant, veredelde en voltooide dien.

Sluiten