Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„De Indianen I" fluisterde de Canadees hem in 't oor. Thans op handen en knieën naar de rivier kruipende, begaf hij zich te water.

Schuw zag hij in alle richtingen rond.

De maan verspreidde nog licht genoeg om het landschap tot op verren afstand te herkennen.

Hoe nauwlettend echter de jager rondkeek en de omstreken opnam, hij zag niets. Alles was kalm. Hij wachtte een geruime pnos, met strakken blik en scherp luisterend oor.

Er verliep een half uur, zonder dat het geluid waardoor hij was opgewekt zich vernieuwde. Hoe hij ook luisterde, geen het minste gerucht stoorde de stilte van den nacht.

Met dat al was Loer-Vogel overtuigd dat hy zich niet bedrogen kon hebben. In de wildernis hebben alle geluiden een natuurlijke oorzaak ; dit weten de jagers, en daarbij hebben zij ieder geluid leeren onderscheiden, zonder zich ooit te vergissen. t

Gedurende al dien tijd stond de Canadees tot aan de heupen in't water in Amerika, al zijn de dagen er snikheet, is de nacht daarentegen buitengemeen koel; Loer-Vogel voelde dus een huiveringwekkende koude door al ziin leden. Eindelijk zijn onderzoek moede wordende, en half in de meening dat hy zich bedrogen had, besloot hij zijn koud bad te verlaten, en weder aan land te 'gaan; maar op het oogenblik dat hij zyn voornemen wilde uitvoeren, voelde hy langs zijn borst een hard voorwerp schuiven. ,

Hy sloeg de oogen naar omlaag en stak onwillekeurig de handen uit ; wat had hij aangeraakt? Het was de kant van een kleine prauw, die geruischloos door de biezen gleed en ze zacht vaneen scheidde.

Deze prauw, evenals alle Indiaansche kano's in deze streek, was van berkenschors vervaardigd, dat door middel van heet water van den boomstam wordt losgemaakt.

Loer-Vogel nam terstond het geheimzinnige vaartuig in oogenschouw, dat zonder behulp van menschenhanden zich scheen voort te bewegen of liever in een rechte lijn zich langs den stroom liet afdrijven. Een ding echter verwonderde den Canadees, namelyk dat het bootje zonder de minste schommeling voortdeed. Blijkbaar werd het door een onzichtbaar wezen voortgestuwd, waarschijnlijk door een Indiaan; — ja, hij kon hieraan met langer twijfelen. Maar waar zat dan deze man ? 'Was hij alleen ? Geen van deze vragen liet zich beantwoorden.

De Canadees was erg in de engte gedreven; hy dorst geen lid te verroeren uit vrees van zyn tegenwoordigheid te verraden; intusschen gleed de prauw altoos voort. Om er tot iederen prys een eind aan te maken, trok Loer-Vogel zachtjes: zijn mes uit de schede, en met ingehouden adem hurkte hy' neder in de rivier, derwijze dat zyn gericht maar eventjes boven water uitstak. '« . .

Wat hij hoopte, gebeurde ; een seconde later zag hy in de schaduw, als twee vurige kolen, de oogen van een Indiaan schitteren, die achter de prauw zwom en haar met de armen voortstuwde.

De Roodhuid hield zijn hoofd gelijk met den waterspiegel, en keek met bespiedende blikken om zich heen.

De Canadees perkende een Apache. Plotseling vestigden de oogen van

Sluiten