Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

opwekkende geur van hare golvende lokken, de zuivere klaarheid van haar oog, terwijl de peinzende blik zich ten hemel heft, zich hier of daar vestigt zonder iets te zien, of schijnt te gissen naar het onbekende, alles in een woord bij deze onbegrijpelijke en betooverende wezens, dwingt onwillekeurig eerbied af en roept het strengste hart tot beminnen.

Dona Laura was een van deze, en zij bezat vooral dien magnetisch boeienden blik gepaard met de onschuldige zachtheid van een man of meer kinderlijk eenvoudigen glimlach, die den onwil zoowel als den moedwil vernietigt.

Als zij hare groote, blauwe, met lange zwarte wimpers beschaduwde oogen goedwillig op den jonkman liet rusten, en hem daarbij soms met een peinzend gelaat aankeek, voelde hij zich inwendig ontroerd ; dan weigerde zijn tong hem bijna haar dienst en wenschte hij heimelijk te sterven, aan de voeten van baar, die voor hem zonder wederga op aarde, ja veeleer een engel scheen.

Gedurende zijn afwisselenden levensloop, had de jonge avonturier de vrouwen niet anders leeren kennen dan naar hetgeen de bedorven en ontaarde beschaving van Mexico er hem van voorspiegelde, namelyk den hatelijken en afstootenden kant. Toen dus het toeval bem. op eens in aanraking bracht met een jong, rein en eenvoudig meisje, dat hij zelf van den dood had gered was er in zijn denkbeelden een volslagen omwenteling ontstaan, en had hij leeren inzien, dat de vrouw, zoo als zij volgens hare oorspronkelijke bestemming den man tot levensgezellin geschapen werd, hem tot hiertoe geheel onbekend was gebleven.

Ook had hij zich van lieverlede aan de betoovering, die hem onweerstaanbaar kluisterde, ongemerkt overgegeven en was hij Laura gaan beminnen met al de kracht zijner ziel, zonder zich ooit te vragen, wat bet nieuwe gevoel dat hem overmeesterde eigenlijk was, zich gelukkig rekenende voor het tegenwoordige, en onbezorgd voor een toekomst die voor hem misschien nimmer komen zou.

Onbezorgdheid voor het toekomende is een kenmerkende trek van alle verliefden; zij zien niet verder dan het heden, dat hun geheel bezig houdt en bezielt, waarmede zij lijden of gelukkig zijn, in één woord, waarin en waardoor zij leven.

Het kan zijn dat don Leo gedurende de weinige dagen die hij met de door hem geredde jonkvrouw in het hartje der wildernis doorbracht, zich een enkel maal met de zoete hoop vleide haar voor altijd de zijne te zien en het geluk des levens met haar te genieten, ver van het gewoel der steden en de zwijmel vreugd eener verbasterde maatschappij ; maar deze gedachte, zoo zij hem ooit heeft toegelachen, was op eens onherroepelijk verdwenen, door zijn toevallige en wonderbare ontmoeting met don Mariano; de verschijning toch van den vader van dona Laura, den schatrijken, stijfhoofdigen landedelman, moest zyn luchtkasteelen voor altijd vernietigen.

De slag was zwaar voor den jonkman; maar dank zij zijn ijzeren wil, hij stond dien moedig door, terwijl hij meende dat het hem niet moeilijk zou vallen in den maalstroom van zijn avontuurlijk leven de jonge schoone dame te vergeten.

Ongelukkig ging het don Leo gelijk het zoo velen van zijn soort gegaan is, en deelde hij in den algemeenen regel; zijn hartstocht nam. toe in

Sluiten