Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelïgelach. Op heten dwongghij mYo£Zn om te keerln ^ meCSter °P ^ Schouder ™ — Het beest zijt gij zelf; zie eens om, als ge durft

SjdZe°nTegangSt ^ ™ * ^en staan;

den naast mij; de stilte en d^eenzaamhe d's ^. w3\blj mij; ,de honden *<»loren. Ik vatte moed en staarderond * ^ °P ^ Ver'

Was het een dier?. Was het een mensch?'

^S&'^X^^^^ en a™- Het had echter Hoewel het süküonZT^lZlk^^nTr^^l bet stond-

want deze groote gedaante teeCnrlP^tf 7," ./hed.en loch onderscheiden, den hemel, waar ^e^rt^ ^1^^^^^ **»

daante gericht had^tB^^X^^J^n^ woord tot d« geverwijderd zijn? vroeg hij. zeggen, of wij nog ver van een dorp

Het was dus een mensch', daar men tot hem spreken kon?

Mijn meester ging echter voort met vraeen hetffe*>n it ai* van hem beschouwde, want ieder weet dfaleer onverstandig men zegt, begrijpen, zij toch nóoU kSen^woïfi ^ S°mtljdS' hetgCen

«ÜSLS SS^?WAiR^i^ Pooten onlerweg " nU W3t U Z°°Veel schrik hee* aangejaagd? vroeg hij me ,

^riSpïa^ ^ t dan reuzen iq * ^?

-n^K^ •» de moerassige en

baggeren, zich van langetto!^dte van d°°r hel sli* te

waarop zij hun voeten bevestigen DeCUenen' dle van een beugel voorzien zijn en Op deze wijze worden zij voor bange kinderen reuzen met zevenmijls laarzen.

TOOR DEN RECHTER. X.

Toch »« dit niet de oor*,* dat wij, to'strtjd ma o.ze gewoome, „clan. Alleen op de Wereld, 15e dr.

Sluiten