Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BOB. XLI.

Eerst lang nadat ik weer m mijn geTangenis zat, begon ik de reden te begriiSS k?aTm mCn ^ met„in Triiheid had ^steld; de rechter S 2te tot de andere personen, welke in de kerk gedrongen waren, in hechtenil waren CTefónpnh6 Z1Cn-° * ^ ^eplichfige was. Men w^s^en op het Zr had het openbaar ministene gezegd; ik zou dus de smart en de schandegeld ben om weldra weer op de bank der beschuldigden naast h^n te zTuen

Wanneer zou dat gebeuren? Wanneer zou ik overgebracht Vorden naar de

ItZT ÏT-S he' graafschaP? Waar was die? Wasdie noglkeüler dS de gevangenis, waar ik nu mvcrpcintor. ö ëel Udn.ae

vorilen^f? TWv 6n mij 206 bezig« dat de «W spoediger voorbijging dan den koortfkriilt' I- (TTer ten pr00i aan het o^eduld, waarvan men de A.oorts Krijgt. Ik wist, dat ik moest afwachten. En nu eens heen en weer Ion pende, dan weer op mijn bank zittende, wachtte ik.

J;VHenw00r f6 naC^ ^ hoorde a °P horen "azen, en ik herkende terstond het spel van Mattia; de goede jongen wilde mij doen weten dat hii aan mij dacht en waakte. Het geluid kwam van gindsche^ijde vln dén muur (he TStf WaS-..Mattia moest dus aan de andere zijde van den muur zijn, m de straat, en wij waren slechts door een korten afstand gescheiden eenige ellen ternauwernood; ongelukkig konden mijn oogen niet door de steel hZ Sdpnngen-iiMaar 200 het °°S niet door de muren heendringt het gl luid gaat er overheen. De tonen van Mattia's horen gingen gepaard met hei

^dM1S^VanpV°KetStappen en aan het g^ons, dat ik daar hoorde begreep S dat Mattia en Bob een voorstelling gaven ' ueSreeP K

Waarom hadden zij die plaats uitgekozen? Was het, omdat zij daar op een goeden ontvangst konden rekenen? Of wilden zij mij ets mededeelen?

Opeens hoorde ik een heldere stem, die van Mattia, in het^nschroepeii-

Men behoefde niet veel doorzicht te hebben om te begrijpen dat Mattia niet

dl-'richiify--6 PUMek die W°l°rden "mor^ bij hltSrekehvan'rn Jtrfl* f ZVrf Toor miJ bestemd. Maar wat zij beteekenden, was volstrekt zoo gemakkelijk niet te raden, en wederom stelde ik mij tal van vragen voor, waarop ik onmogelijk een bevredigend antwoord kon vitoden Een en" kele zaak was duidelijk en klaar; den anderen morgen bij het inbreken van

f.i'/fW * wak^ 2ijn en °Pletten- To* zoolang behoefde Uc maar geduld te hebben, als mij dit mogelijk was. °

,.Z<ïüdra1h?t gehe,el donk.er seworden was, ging ik in mijn hangmat liggen en S"6 ? m tC S apen; ik hoorde achtereenvolgens op de omliggende torenklokken de uren slaan; toen overviel mij de slaap en droeg mij op zijn vleugelen mee. Toen ik wakker werd, was het nog stikdonker; de sterren schitteraen aan den donkeren hemel; zeker was de morgen nog ver. Toch ging ik op

Z1"-n' m bleef daar P1**' uit ^ees. aat ik&de aandacVzou wekken van den cipier zoo deze misschien zijn ronde mocht doen. Weldra sloeg het drie uren op de nabijgelegen torenklok. Ik was dus te vroeg opgestaan^

™M , ^f .nil' meer gnaan slaPen' en * gel00f zelfs, als ik het had be■ pr°e.d' dat. het toch niet gelukt zou zijn. Ik was te koortsachtig, te angstig Mijn eenige bezigheid was nu de uren te tellen, die de klokken aangaven maar wat duurden die vijftien minuten tusschen het eene kwartier en het andere lang; soms zóólang zelfs, dat ik meende te zijn ingedommeld en een kwartier te hebben overgeslagen of wel, dat de klok van streek was

legen den muur geleund, had ik de oogen onafgebroken op het venster gericht; het scheen mij eindelijk toe, dat de ster, die ik in het oog hadT haar glans verloor endat de lucht witter werd. Het was de nadering van den dag; in de verte begonnen de hanen te kraaien.

Ik stond op en op de teenen sloop ik naar het venster om het te openen. Dit was een moeilijke taak, want ik wilde voorkomen, dat men het knarsen of piepen zou hooren, maar door het zeer zacht en vooral zeer langzaam te doen fslaagde ik er toch in. Hoe gelukkig, dat mijn cel zich bevond in een voormalige zaal, die tot gevangenis was ingericht en dat men het op de ijzeren traliën had

Alleen op de Wereld. 15 dr.

Sluiten