Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dan krijg ik een bang vermoeden en laat het Hoofd ■waarschuwen. Die stuurt dadelijk een boodschap. Nee, zijn grootmoeder weet er niets van.

Dien heelen dag komt Chris niet boven water. Den volgenden ochtend brengt het Hoofd hem binnen, als de les al begonnen is. De jongen lijkt heelemaal ondersteboven. Hij drukt zich snikkend tegen den muur en daar staat hij met één arm voor zijn gezicht, terwijl je hem in zijn tranen wasschen kunt.

Het Hoofd houdt nog een lange boetpredikatie, die natuurlijk over zijn hoofd heen tot de klas gericht is. Dan mag hij naar zijn plaats gaan. Den geheelen ochtend gedraagt hij zich best en houdt hij een berouwvol gezicht. Na schooltijd laat ik hem even blijven.

„Waarom ben je nu eigenlijk van school weggebleven?" vraag ik. ' :%t*f?

Ik krijg een lang, onsamenhangend verhaal. Er was een „mellekkar omgefalle" en ik hoor al de details van gebroken flesschen en weggestroomde melk. Nou en toen had hij toch moeten „hellepe", en toen was 't „feels te laat" geworden. En toen had hij niet meer durven aanbellen en was maar blijven spelen. „En 's middags dan?"

Z'n hoofd zakt voorover ^ hij mompelt nog wat van „niet durven."

En ik kijk op dat gebogen hoofd en voel niets dan medelijden. Want wie eenmaal voor deze verleiding bezweken is, die zal eiken dag weer naar de zoete vrijheid verlangen en de groote stad biedt belangwekkende tooneelen genoeg, die de aandacht vasthouden tot „de school toch al dicht is." Laat het gisteren een omgevallen melkkar geweest zijn, morgen zal 't een aanrijding wezen, of een dronken man, die opgebracht wordt, of een bekeuring

Sluiten