Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beleedigd geweest? Vond ze, dat de wereld in de school op z'n kop staat? Of heeft ze gedacht: „Wacht maar, je bent me nu nog te vreemd, maar een volgend keer, dan zal ik 't je nog wel eens anders vertellen?"

De nadere kennismaking met de moeder, eenige dagen later, bevestigde mijn vermoeden geheel en al.

Daar stond ze op een morgen in de deuropening van 't lokaal, een klein onaanzienlijk vrouwtje, en nijdig, nijdig als een spin, al deed ze haar uiterste best om beleefd en zoetsappig te blijven.

„Dag juffrouw, ik ben de moeder van Liesebetje en ik kom es hooren, hoe of dat nou eigenlijk zit."

Ik vroeg, waarmee ik haar van dienst kon zijn. Toen werd ze rood van woede en barstte los: „Ziet u, da's toch geen manier van doen, om mijn kind zoo te behandelen. Ik betaal het hoogste schoolgeld, en daar heb ik ook niks tegen, want m'n man verdient het gelukkig. Maar dan hoeft u mijn kind toch ook niet de slechtste plaats te geven, heelemaal achteran en naast zoo'n kind met klieren op d'r hoofd en een kappie op van de kliniek! Mot mijn kind dat soms over krijgen?"

Toen de woordenstroom wat bedaarde, probeerde ik haar aan 't verstand te brengen, dat haar kind heusch geen gevaar liep; dat zoo'n kind met een goed hoofdverband, dat twee keer per week vernieuwd werd, vaak een onschuldiger en zindelijker buurtje was, dan een ander met de mooiste krullebol, maar 'k merke al gauw, dat ik m'n woorden wel kon sparen.

,Ja, as u de pik op me kind het, dan kan ik dr ook niks an doen," kijfde ze verder. „Eerst zet u dr naast een jodekind en nou naast één met een zeer hoofd!" „Was u bij dat jodenkind ook bang, dat ze 't over zou

Sluiten