Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op den vloer, moet je extra glimmend poetsen, zul je?... als je daar tenminste kans toe ziet!"

— „Die jongeneer Tobie toch 1", gichelde het dienstmeisje, dat niet begreep, wat hij met dien éénen schoen bedoelde. Maar toen zij later op den ochtend boven kwam, en den schoen wilde oprapen, die ër nog midden op den vloer stond, ontwrichtte ze zich een schouder; en aan den tandenborstel, die onwrikbaar aan de waschtafel geketend lag, scheurde zij zich een nagel stuk; en haar vuist sloeg zij bont en blauw tegen het venster zonder het te kunnen open duwen.

Deze voorvallen staan echter in dit verhaal, dat zoo vol is van zonderlinge gebeurtenissen, slechts in verwijderd verband tot het gewone verloop, zoodat ik ze moet laten rusten, om er misschien niet, of misschien wel, later op terug te komen.

Wat Tobias in het hoofd had, was zeker heel wat belangrijker dan een klemmend venster, of een van het waschtafelblad niet loslatende tandenborstel, of een aan den vloer vastzittende rijglaars t

Want hij had zijn ontbijt laten staan, om vlug de deur uit te loopen; het was Zondag en de huisgenooten kwamen toch later dan gewoonlijk beneden, zoodat die het nauwelijks zouden bemerken, als Tobias al zoo vroeg en zonder ontbijt was uitgegaan. Hij had den weg naar school genomen, zooals hij eiken werkdag placht te doen. Voor de volvoering van zijn plan vond hij het gelukkig, dat het geen werkdag was vandaag, maar een stille Zondag. De Hoogere Burgerschool zou dus leeg zijn, geen leeraren en geen jongens waren er nu in het gebouw, en niemand, die hem storen zou bij het moeilijke werk, dat hem wachtte. Hi> wilde dus geen oogenblik langer talmen om zijn leeraar te hulp te komen; en bijna als een lafheid verweet hij zich, dat hij den ongelukkigen docent daar den heelen nacht in zijn verstijfde houding in het laboratorium alleen had laten staan. Hoe eerder hij; Dr. Stolp nu trachtte te bevrijden, hoe vlugger hij zijn verzuim weer goed maakte!

Doch terwijl hij, snel aanstappende, het groote gebouw naderde»

Sluiten