Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de zenuwachtige kaken, de hooge, anders wilde kuif, de groote brillenglazen in hun ouderwetsche schildpadden montuur, de lange magere neus. die anders zoo brieschen en snuiven en blazen kon, de prevelende lippen, - alles was van eenzelfde verstarde uitdrukking gebleven. Ook zijn houding was geen millimeter veranderd; want nog stak de dreigende arm met de uitgestrekte vingers vooruit, als om iemand een oorveeg toe te dienen; zijn hchaam boog nog voorover, alsof het was om aan dien oorveeg straks de noodige kracht bij te zetten.

Maar zooals Dr. Stolp daar onbeweeglijk stond, was hij nu eigenlijk volstrekt niet meer iets, om hevig van te schrikken! Het leek een gewoon beeld; wel wat eigenaardig, zooals het er stond, ook wat verwrongen van houding; maar je zou geen oogenblik gedacht hebben, dat je hier tegenover een versteend mensen stond, die nog zoo kort geleden vol leven en beweeehjkheid was geweest.

Toch, nu Tobias zijn leeraar in het gelaat keek,.... ja dan was het toch weer datzelfde wat hem ook gisteren zoo hevig had doen ontstellen: achter de groote brillenglazen zag hij ineens een vonkje in de oogen van Dr. Stolp even öpglinsteren, weliswaar zonder beweging, maar toch zóó, dat Tobias met de grootste stelligheid de overtuiging weer voelde, dat hij niet tegenover een doode, maar tegenover een levende stond, die echter door de een of andere geheimzinnige oorzaak met algeheele verstijving en roerloosheid was geslagen!

Dit zelfde gevoel had Tobias gisteren ook gehad; zijn scheikunde-leeraar stond daar dus nog altijd in levenden lijve voor hem, hoewel tot onverklaarbare onbeweeglijkheid gedoemd.

En dit was voldoende voor Tobias, om, zonder langer aarzelen, zijn plan ten uitvoer te brengen.

Of eigenlijk, een plan?.... neen, dat had hij niet! Het roesde alles sinds gisteren zóó door zijn overspannen brein, dat hij zijn gedachten niet tot een vast plan kon bepalen. Slechts dit ééne doel had hij zich den geheelen nacht voor oogen gesteld, en dat

Sluiten