Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het spreken te beletten, toen hij de proef wilde nemen, of de scherven van haar Japansche vaas weer aan elkaar wilden hechten; de gevaarlijke kleefstof had toen blijkbaar haar kaken, haar tong, haar mondspieren verstijfd I

Tobias daalde heel zacht de trappen van de tweede verdieping af- hij wist hoe daar 's nachts Fik de hond en Peter de poes en Lorre de papegaai eendrachtelijk in de zijkamer sliepen, waarvan de deur steeds veiligheidshalve door Tante werd opengelaten. Doch Tobias hoorde geen enkel geluid. Hij moest onwillekeurig even glimlachen, — al had hij overigens innig medelfléen met de arme dieren, die hij onbewust in zulk een ellendigen toestand gebracht had! dat èn hond èn poes èn papegaai hem, door de verstijfde machteloosheid, waarin zij zich bevonden, nu niet konden verraden! .

Hij wist dat de buitendeur in de vestibule klemde en met meer open kon; dus sloop hij de trap af naar het benedenhuis lichtte de ketting van de onderdeur, draaide den sleutel tweemaal om en trad de straat op, na eerst den sleutel aan den buitenkant in het slot gestoken en de deur zachtjes achter zich gesloten te hebben.

Er liep op dit stille nachtelijk uur niemand op de gracht.

Zouden de menschen op straat het dus nog niet weten?... of moest deze leegte wellicht verklaard worden door het feit, dat iedereen, die zich op straat bevond, naar den Dam was gevlogen, om er getuige te zijn van het onherstelbaar ongeluk, dat het Paleis, dat Amsterdam, dat het Vaderland zoo dadelijk zou gaan treffen door de vernieling van het schoonste monument, hetwelk de natie bezat i

Ook in de Raadhuis-straat, door welke Tobias zijn weg nam, was niemand te zien. Een dronken kerel liep er zwaaiend over het trottoir in de richting van den Jordaan. Tobias was zoo nieuwsgierig, dat hij zich niet kon bedwingen, den man aan te spreken.

— „Pardon, u komt immers van den kant van den Dam?

- „Natuur-h-lijk!", hikte de dronkaard. „W-h-aar zou 'n goeie Amster-h-ammer anders vandaan k-h-omen?"

Sluiten