Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ditmaal waren zij bijna hun uiterlijke statigheid tegenover elkaar kwijt geweest, omdat het schouwspel, dat eerst zoo ontstellend ongewoon was geweest, zich daar nu zoo nuchter en gewoon aan hun verbaasde oogen vertoonde.

Op dit gewichtig oogenblik sloeg de Paleisklok haar statige twaalf slagen van het middernachtelijk uur.

Gelukkig bleven de drie heeren zich zelf ook nu volkomen meester. Zij staarden zelfs niet meer naar den Paleis-koepel, die hen daar juist zoo hevig had doen ontroeren. Want ook in dit geval, waarbij mannen van hun aanzien en gewicht eikaars raad en hulp noodig kunnen hebben, spraken zij ongeveer gelijktijdig de woorden, welke het koel verstand bij zulke gelegenheden weet te vinden.

— „De klok slaat zelfs I", mompelde de een.

— ,,'tls twaalf uur!", bromde de ander.

— „We kunnen wel naar huis gaan!", mopperde de derde. En aldus deden deze drie heeren.

Zoodat na hun vertrek de rustige Dam er geheel verlaten lag, het oude, eerwaardige Paleis-gebouw kloek en onaantastbaar, de zware koepel, die het sierlijk kroonde, als een statige, onwrikbare kroon op zijn massieve dak, hechter, steviger en vaster dan ooit te' voren, — dank zij het wonder, dat een gewone jongen, die inmiddels even ongemerkt als hij gekomen was, weer naar huis terug was geslopen, had weten te verrichten!

Sluiten