Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vijftal allerbekoorlijkste wezentjes en nu: 5 sombere spoken die in den zwarten nacht gekomen waren om onheil te zaaien 1

Maar de boterhammen gingen er goed in, 't tweede kop thee was heet en opbeurend en de stemming kwam er langzamerhand weer in.

Om tien uur werd afgemarcheerd, aan den steiger zou worden ingestapt. De Baron had weliswaar gevraagd of het schip 's avonds niet aan wal werd gesjord, maar daarop kreeg hij zelfs geen antwoord, alleen Kareltje zei nijdig: „Schepen gaan niet naar bed."

Aan den steiger lag ook de Motorboot gereed om bij hoogwater naar den vasten wal te gaan en niet zoodra was de veerboot klaar om weg te stoomeh, toen ook de schipper maande: »Allez, we gaan hoor, Mevrouw, kom maar." Zoodat de twee schepen precies tegelijk afvoeren, onder groot gejuich van beide kanten, want er waren kennissen aan boord. We zaten op 't dek, d. w. z. op de luiken, die de lading, in 't ruim geborgen, afdekken. Op die luiken had de schipper een

Sluiten