Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat onderpand der emancipatie van de ZuidAmerikanen Als ik toegaf aan uw verlangen, ware.ik een verraderes— en dat zegt me mijn gezond verstand.

Hersenschimmen van een jong meisje. Als een zaak verloren is, kan die niet meer verraden worden. .

Maar bij het verlies ervan blijft de eer toch over.

De opperste chef van de administratie in Texas grijnsde, maar terstond zijn onverschilligen toon hervattend, zei hij:

Uwe redeneering zou steek houden, mejuffrouw, wanneer uwe hulp voor ons onontbeerlijk ware, om de zege te bevechten. Veroorloof mij, u op de hoogte te brengen. Ge zult me daarna antwoorden.

O, mompelde de gevangene, niets zal me op mijn besluit doen terugkomen.

Dat zullen we eens zien. Luister slechts.

Ik luister.

Forster herstelde zich een oogenblik; en zijn woorden als het ware op een weegschaal leggende, alsom er indruk mee te maken op den geest zijner toehoorster, sprak bij:

Sedert een maand zijt ge onze gevangene.

Dolora liet het hoofd zakken. '

Sedert een maand dus hebt ge opgehouden te werken aan de verwezenlijking van een

droombeeld dat wel eerbied verdient,

maar nooit tot werkelijkheid kan komen

een verbond van het Zuid-Amerikaansche volk.

Een vluchtige glimlach gleed over de lippen der Mestiza. De gouverneur merkte dien in het voorbijgaan op.

Ik begrijp uw gedachte, zei hij levendig. Ge zegt tot uzelf: Ik ben tot werkeloosheid gedoemd, goed, het zij zoo. De makkers die ik had verzameld, zijn vrij gebleven. Zij zullen mijn werk voortzetten.

En met een spottenden grijnslach:

Gij vergist u, Dolora Pacheco. Allen zijn ze in onze handen gevallen. Allen, verstaat ge het wel? En de Seminoolsche Indianen, die het u gelukt was aan de beweging te doen deelnemen, zijn naar hunne dorpen teruggekeerd waar zij onze goedertierenheid uitbundig prijzen.

Ditmaal boog de Mestiza moedeloos het hoofd. i-A .

Hare zaak was dus verloren. De geheime machten,.die over het lot der volken beslissen, hadden zich afgewend van het handvol dapperen, dat zich de emancipatie der Zuidelijken tot levenstaak had gesteld.

Zelf in hechtenis, was zij bovendien oorzaak der gevangenneming van hen die zich onder hare banier hadden geschaard.

Haar zachte wezenstrekken drukten diepe droefheid uit.

Forster wisselde een blik met Joe Sultovan, en verraderlijk zei hij:

Komaan, ik zie dat ge naar rede wilt luisteren. Schenk me nog eenige oogenblikken aandacht, en ik ben overtuigd dat wij het weldra ééns zullen zijn.

Roerloos bleef Dolora zitten.

Door hare wanhoop overmeesterd, had het jonge meisje de woorden van den gouverneur niet gehoord, en mocht zij ze ook al hebben vernomen, zoo had hetgeen hij zeide geen beteekenis voor haar.

Terwijl gij en uw aanhangers, hernam Forster, tot onmacht gedoemd, uw dagen in onze gevangenis moest slijten, zijn wij niet werkeloos gebleven. Volgens eene met alle zorg uitgevoerde teekening heeft een bekwaam juwelier te Parijs een halssnoer vervaardigd', dat het kleinood der Incas-Azteken volkomen gelijkt.

Hij zweeg, om zich van de uitwerking zijner mededeeling te overtuigen.

De Mestiza zag hem thans aan. In haren blik was ontsteltenis, verachting en toorn te lezen.

Onze dagbladen, vervolgde de predikant onmeedoogend, dlie met millioenen exemplaren door Zuid-Amerika werden verspreid en gelezen, hebben van dag tot dag, ik zou kunnen zeggen van uur tot uur, den voortgang bericht van het werk. Zij, die door uwe stem waren aangemoedigd, zijn thans overtuigd, dat ge hen met ijdele hoop hebt gepaaid, dat ge hen wiMet misleiden teneinde hen in een dwazen oorlog te wikkelen met de NoordAmerikaansche Staten, hun ware vrienden, die volkomen bereid zijn hun kapitalen ten beste te geven, hun krachtsontwikkeling te besteden, aan het Zuiden, daar spoorwegen aan te leggen, fabrieken op te richten, kortom handel en nijverheid te bevorderen....

En op die wijze het Celtisch-Latijnsch Amerika door de macht van het goud te onderwerpen zei de gevangene op smartelijken toon, alvorens hen door vuur en zwaard ten onder te brengen.

Neen, overwinnen, trachtte de gouverneur tegen te .werpen

Maar zij viel hem in de redë, door een plotseling invallende gedachte:

Mij kunnen ze niet van logentaat beschuldigen, mij

Ze kon niet voleinden. Forster en Suffivan lachten luidkeels:

Toch, toch zij kunnen het— zij beschuldigen u wel terdege.

Mij?

Wel zeker, want onze dagbladen— hebben aan u de bestelling toegeschreven van het valsche Eendracht-halssnoerl

O, mijn God!

De Mestiza liet zich nedervallen op den houten schemelt de eenige zitplaats in hare ceL

Zij begreep nu den toeleg. Men had haar belasterd, verdacht gemaakt bij hen die mij hoopte te bevrijden.

Ware ze in vrijheid', ze zou den leugen beschaamd hebben Maar in gevangenschap moest zij van haar eigen oneer getuige zijn.

Gij zijt een intelligente vrouw, hernam Forster, wiens doordringende oogen in het brein der gevangene schenen te lezen. Gij hebt de

Sluiten