Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het sterfgeval, zoo onverwacht, Had hem heel van streek gebracht, Hij kon nauw spreken van de smart Maar drukte tante vast aan 't hart En kuste haar elk oogenblik, Op mond en wang, met zacht gesnik.

Toen hij was uitgecondoleerd

Werd door hem eens geïnformeerd

Of hem, als lid van Prik's geslacht,

Soms een legaat was toegedacht

En toen hij 't woord vernam van: neen,

Toen trilde hij in al zijn leên.

En werd hij bleek gelijk een doek

En stamelde zijn stem een vloek

En balde hij zijn vuisten rond

En kwam er schuim op zijnen mond

En knarsetande hij als dol

En rees het haar hem op den bol.

Sluiten