Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hooge fietsen en van de latere met dunne banden, die op die expositie zelf eehter ontbraken.

«De ruime collectie die wij zien," zegt de schrijver van deze «herinneringen", «bewijst echter voldoende welk een ontzaggelijke vlucht de rijwiel-fabricage den laatsten tijd heeft genomen, een bewijs tevens, hoe populair de wielersport in betrekkelijk weinig tijd geworden is. Men moet werkelijk toegeven wanneer men een machine van de nieuwste constructie ziet, dat hier wat lichtheid en zorgvuldigheid van bewerking betreft, de grens van volkomenheid bijna is bereikt Hij maakt echter de aanmerking dat men wel eenigszins getracht heeft door de massa te vergoeden wat aan belangwekkendheid ontbreekt — Het meerendeel der bezoekers had zeker, in plaats van die opeenhooping van moderne machines, een historische ontwikkeling van het rijwiel gezien, hetzij in model of teekening, deze ontbreekt geheel"

Tweewielers en driewielers, door de menschen zelf voortbewogen, vindt men reeds op Egyptische basreliëfs zoowel als op Babylonische en op Pompejaansche frescoes. Men weet evenwel niets van de snelheid en doelmatigheid daarvan

In 1690 is reeds sprake van een celifère, later in 1779 duikt de machine weer op als veloeipède. Het voorste wiel van dit instrument waarbij men dan altijd nog eigenlijk loopt was draaibaar; het gaat ook door onder den naam celeripède. In 1817 wordt weer een stap verder gedaan met de draisine van Freiherr Karl Drais von Saüerbronn te Neurenberg. Het rijwiel heet in dezen tijd ook biveetor, bicipedes, pedestrian curricle, en als gezegd, dandy-horse of hobby-horsa Het schijnt dat het van de voeten te groote krachtsinspanning vergde, op den duur, en dat ziekten daarvan het gevolg waren Louis Gompertz vond in 1821 een instrument uit waarbij het voorste wiel door de handen in beweging werd gebracht In 1834 past een Schotsch smid, Kirkpatrick Mc. Millan het eerst pedalen toe, terwijl in 1865 het eigenlijke rijwiel, nog bestaande uit hooge wielen van verschillende grootte, wordt gemaakt door Pierre Lallement of Ernest Michaux. Deze twee hebben elkaar de eer der uitvinding bestreden.

Hoewel de oude veloeipède, waarbij men met de voeten den grond raakte en eigenlijk liep, zeer weinig meer met de fiets zooals wij die kennen te maken heeft zoo is toch de moderne machine wel degelijk gaandeweg ontstaan uit het zoeken naar verbetering op het vroegere artikel Ook deze uitvinding is dus niet opeens, maar bij schokken en met sprongen tot stand gekomen, en het geringschattend oordeel van

Sluiten