Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

yWfers aan Diojjfcysjus en ijjjjbnrodite; fschoone jongelingen en maagden; brandende fxon; een slavin iMpe-een slaaf; .danseressen; j-eukwerken en ' andere „zinshekorlng"! •• % Ook de boeken Wan den perver~sen slappeling. bij-uitstek, den fgelukkig thans r(naar eigen bekentenis) „uit: geschreven" .Couperus loopen er van over!

^|^^g^|pen. Dronken _van levensvreugde zullen wij-, het hoofd |j ; omkranst met wijnraiiken, en onder het zingen van liedéren, 1 die u, priesters, het bloed zullen doen verstijven^ uw kerken doortrekken. Op uw altaren zullen wij plengen aan Dionysius, die ons zijn gaven bracht, en uw maagden zullen sidderen, als wij offeren aan Aphrodite! Hoe zal het klinken als ons „evoe Bacche!" door uw holen weergalmt -en de muren doet trillen van angst? Wanneer uw tempels ons te donker zijn, al hebt gij Protestanten ze wifgekalkt, even wit als uw onbevlekte ziel, dan zullen wij de muren omhalen en met hetzelfde marmer, dat men durfde ^stelen uit heiligdommen die aan Hera en Athene gewijd waren, zullen wij\^Üdere bouwen, tempels van licht, leven en vrijheid, ten spijt van al wat gij bazeldet omtrent ootmoed, vernedering, berouw".

I Uit een en ander "blijkt ^fiüdelijk, dat de jeugdige schrijver niets minder beoogt dan de Christelijke cultuur — des noods met geweld! — te vervangen door de heidenschei 'J De laatste meent hij op de volgende wijze te mogen verheerlijken: „Er zijn tijden geweest, dat er staten waren gröoter en machtiger dan de onze, dat er menschen leefden, wijzer en gelukkiger dan wie ook onder ons, dat niemand geacht werd dan hij, die schoon was naar geest en lichaam. Dat ik uw oefenplaatsen kon betreden, Arristodemos, dat ik mij met u meten kon, ■"Agathon, in het zand van uw palaestra, in de brandende zon van Hellas en dat ik mij kon laten wasschen en zalven door een slavin, die ik uit den oorlog had meegebracht; kon ik met een krans van klimop om de slapensen mijn haar doorgeurd met de beste reukwerken, die mijn slaaf in Athene kon vinden, naar u, Socrates, in de schaduw liggen luisteren! Mijn ziel, als ik in uw gezelschap, Alcibiades, bij zoeten wijn en zoetere muziek, bij het aanschouwen van een danseres, die met vlugge voeten en golvende bewegingen van haar tichaam, mij denzinnen bekoorde, als ik zoo met u sprekende en drinkende den nacht kon doorbrengen".

'] Het woord heiden werd door den schrijver zélf gebezigd. Op blz. 22 schreef-hfl omtrent de studenten, die véél aan roeien doen: „Geen denkbeeld is hun heerlijker dan naar het lichaam een athle'et en naar den geest een heiden te tijn."

^plteï;JÉöe,én de'Jsl^

'Franschen"'"-staan bij het jongëmensch Torley Ouwel in htsP^ BÉ^feoals blijkt uit het volgende, wraakgierig e«J^®|pzuchtig eindigend gedeelte;.„Als meajUypRel land der Dordtsche Synode ; ;ï en het land der bakers, zijn kinderen niet anders groot wil brenKp gen dan vastgespeld in luiers of met de lieve verzén van Van Alphen, dan is er nog een land, dat te recht de volkeren 'u&i; heeft beheerscht (!), dat sfeeds*heeft 'gestaan aan de spits |§|ij_van alle wetenschappen, een volk dat steeds met goddelijk hf"■. enthpusiasmefibnder bijgedachten zichzelf en alles geofferd heeft aar$|deeën, die als met een slag van een zeis weg-' Éf^^inaaiden, wat niet meer 't leven waard was, het volk dat met brandende oogen en uitgestrekte-armen, het ideaal van M --■ vrijheid, gelijkheid en broederschap (!) toegesneld is, en dat u laffe honden, van 18de éeuwsch Europa gedwongen heegp in te stemmen met hun eeuwig refrein van vrijheid, gelijkEgj heid en broederschap. Aan u zonen van dat volk, kinderen MP!|ïan den laatsten Caesar, die grootheid op de-wereld bracht, kinderen van den Keizer, aan u zou ik willen zeggen: wordt krachtig als weleer, stel spelen in, dié u zullen vormen en zorgt, dat ge met u allen weer een natie wordt groot onder H^Ë^Illé andere. Bedenkt -dat er eens een tjjd^ was, dat uw adelaars gevreesd en zegevierend door Europa werden gê-, ||l||yoerd, bedenkt dat gij republikeinen nog steeds een zware lliipffschuld aan uw vaderland hebt..... Oefent uw jeugd in spelen en leert .hun volharden en schreeuwt tot jonge mannen als zij dreigen neer te vallen in 't stadium, dat zij reeds vechten j^v%Lyoor hun vaderland. Als dan de dag zal komen, dat ge weer moet trekken naar de grenzen, dezelfde driekleur in uw midden', dan zal het niet een arme kudde, maar een leger Sfra&wtijn, waarvan ieder verlangend is den veldtocht mee te maken, ieder, weerbaar ieder, hijgend om wraak.... Eerst |ï|li^dan Azult ge de rosige glimlach van Fortuna waardig zijn, aplfceerst dan zal Mars, de schoone jongeling in uwe gelederen strijden, eerst dan zult ge het bloed wreken van hen, die liggen bij Woerth en Gravelotte. Dat de Goden het eens zoo -'mochten besluiten!" De overspannen jongeling, die dit in 1909 drukken liet, heeft inmiddels — althans gedeeltelijk — zijn zin gekregen. De naar ; „revanche"' hunkerenden, de op wraak belusten hebben zich ais

Bat noemt men

in Vla9ndfUÏn9

Fransch-dcrtheid 1

De wraakgierig

ge en oorlog»

zuchtige jonge¬

man die dit in 1909 drukken liet, kreeg, helaas, in 1914 zijn zin;' maar zal izetf :wel buiten schot gebleven zijnl

. SB

Sluiten