Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toont ons hunner droeve en donk're uren toeloopen op 't flonkrende stervensuur, licht en groot.

CHRYSTALOFF.

Onthul nu hun wonden, ontbloot hun gelaat. . . .

O dood, wat zijt ge vèr weg van het leven

Nu is alles, wat smart en wat baat, nu is alles van u weggedreven,

als een vlot, een klein vlot dat snel voorbijgaat. . . . Aan eenzame oever zijt ge achtergebleven. . . .

(hij ziet lang zwijgend naar de dooden). Mijn grijze vader, mijn sterke broer, mijn lieve zuster, mijn jonge zoon, nu is voor u alle levens-oproer weggestorven, als wegsterft een toon.... Nu is voor u het hunk'ren gedaan en de zegezon lacht u niet aan; weemoed omfloerst het hart als een wolk Jat het u niet vindt bij het juichend volk. (CHRYSTALOFF treedt weer terug. Uit het koor treden nu telkens de sprekende personen naar voren en gaan bij de baar staan.)

[EEN STEM UIT HET KOOR.

Begraaft onder bloemen hun donkere wonden,

omkranst hen met kransen die niet vergaan,

zij hebben het leven in licht gevonden,

zij leven onsterflijk van licht omdaan.

Zij leven een deel van de heilgedachte die menschheid omzweeft als een wolk van glans, gedachte aan wie gaven hun leven en krachten onze aardé té maken in den sferendans

tot een ster waar gelukkige wezens wonen tot de liefde-uitstralende planeet

Sluiten