Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JI HET CHRISTELIJKE VISIOEN VOOR TONDALUS' VISIOEN EN ST.-PATRICIÜS' VAGEVUUR.

De Heilige Schrift leverde aan de schnjvers van visioenen heel weinig stof tot verwerking op. Wel wordt het bestaan van hel en hemel duideüjk aangewezen, doch over den aard der folteringen of der vreugden worden weinig byzonderheden medegedeeld. De hel is nu eens een diepe put onder de aarde, waar benauwdheid, droefenis en verderf regeeren; dan een poel en een oven gevuld met vuur, zwavel, duisternis, geween, knersing der tanden, eeuwige smarten. De hemel is de plaats, waarvan Johanhes' Openbaring vertelt, dat God er troont, omringd door eene groote schaar heiligen, die gekleed zyn met witte kleederen, palmtakken in hunne handen dragen en dén lof der Godheid zingen. Ongetwijfeld hebben de talrijke profetieën uit de Boeken der Profeten, Christus' Nederdaling ter Helle en de geheimzinnige Openbaring van Johannes den groei der visioenen eerder bevorderd dan gestremd, doch hun invloed is nooit overwegend geweest, omdat ze veel te algemeen blijven en de aard zelf onzer visioenen byzonderheden eischt. Niet om het bestaan van hel of hemel is het den schrijvers van visioenen te doen, daaraan twijfelde wel niemand, maar wel om hunne stoffeering, want zij alléén kon de.noodige ver. schrikking of de gewenschte zielsverheffing bij den lezer wekken. Dié stöffeering, die bij de visioenen hoofdzaak is en prachtiger of afzichtelijker wordt, naarmate deze zich ontwikkelen en we ons verder van de eerste tyden van het Christendom verwijdefen, ontbreekt juist in de Canonieke boeken van den Bybel. De Apocriefe boeken zyn echter ryker aan eschatologische voorstellingen; en enkele onder hen geven ons een uitgewerkt beeld van de andere wereld, dat als type zou kunnen dienen voor alle soortgelijke latere verhalen. Buiten de Apocriefe boeken treffen wij in dé eerste. Middeleeuwen geen volledige' behandelingen van

Sluiten