Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den omvang der informatie van een Hollandsen nieuwsblad van dien tijd:

26 Juli 1664 1). — Marseilje 8 Juli. — Den vice-admiraal de Ruyter is met 12 oorlog-schepen van Alicanten nae Algiers vertrocken; hy, zijnde van een harde koorts bevochten, was weer aan de beterhandta).

9 Aug. 1664. — Alicanten 7 Jnli. — Den vice-admiraal de Ruyter is met s\jn byhebbende schepen op dese reede gekomen, hebbende 3 daghen voor Algiers gelegen, latende de witte vlagghe afwaeyen; men heeft verscheyde conferentien gehouden, maer echter den ander niet konnen verstaen. De Barbaren wilden niets restitueren van de genome goederen, ghedurende de vrede door dito Rovers genomen: oock wilden sy geensints verstaen tot het nalaten van het visiteren van de Nederlantsche schepen; weshalven de Ruyter haer den oorlog heeft gedeclareert. Gedurende deese handelinghe quam den fiscaal Viane te sterven, die men daer te lande begroef, en nadat hy een dag a twee begraven was, weder opgroef, om te sien of de Turken omtrent het lijck iets gedaen hadden; maer bevindende 't selve in dier voege als het eerst begraven was, dede men 't graf weder toe. De Ruyter kocht, daer zijnde, noch onghevaer 50 slaven, die hy heeft mede gebracht; als oock den consul van haer Ho. Mo., welcke die van Algiers niet vilden laten volgen, of de Ruyter most haer in wisselingh 37 Turken daervoor geven, welcke Turken hy in stilte te lande had afgehaelt *).

9 Aug. 1664. — Amsterdam 8 Aug. — Men verhaelt dat den heer vice-admirael de Ruyter van Alicanten schrijft, dat aldaer weder was aen gekomen, hebbende voor Algiers geweest, maer daer niet konnen te recht geraecken; alsoo dat onsen Consul, die sy aldaer sedert Pinxter hadden gevangen gehouden, voor 37 slaven had moeten lossen; en omtrent 50 slaven gekocht hebbende* stygerde de pr\js so hoogh, dat sulckx moeste nalaten; vorder met haer geensints te recht konnende komen, had haer den oorlogh aengheseydt.

6 Sept. 1664. — Mallaga 5 Aug. — Den 29 passato quam den viceadmirael de Ruyter met ses schepen hier, maer also geen practica *) kan

en vertalen Lagerfeldt en Leijonbergh de stukken, die zij uit Londensche regeeringsbureaux ontvangen hebben en aan de Zweedsche regeering willen mededeelen, eerst in het Duitsch of Fransch (zie hierachter, bil. 47, 65, 351. 447).

1) Cursief druk ik den datum van verschijning der courant.

2) Brandt, 274, 277.

3) Brandt, 277—285.

4) Verlof, aan land te komen (Brandt, 276).

Sluiten