Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van bestaan heeft, en er zou aan die oostelijke traditie over de stichting van Majapahit, nu zij beter bekend is geworden, denkelijk dan ook niet getornd worden, ware het niet, dat er indertijd op gegevens, waarvan nu hier de waarde nog te onderzoeken is, geconcludeerd moest worden, dat Majapahit veel ouder was dan de Javanen van Java vertelden.

Hiermede is reeds in enkele woorden gezegd, dat de nu sedert de laatste twintig jaren reeds gangbare voorstelling van een zeer hoogen ouderdom van het rijk Majapahit, dat men aannam als reeds in de 9e eeuw bestaande, eene onhoudbare is. Zij is dat inderdaad, en het is niet moeilijk zulks aan te toonen, al zal eenige uitvoerigheid daarbij onvermijdelijk zijn.

De geheele voorstelling van een zeer hoogen ouderdom van Majapahit, van het bestaan er van reeds in de 9e eeuw van onze jaartelling, berust toch, nauwkeurig toegezien, slechts op het voorkomen van den naam op een koperen plaat, die deel uitmaakt van een stel, dat door Cohen Stuart als n°. II in zijn Kawi Oorkonden werd opgenomen.

Deze oorkonde geeft in het begin het jaartal 762 Caka (840 A.D.) te lezen, en aan het slot vindt men er den naam Majhapahit.

Toen indertijd deze oorkonde voor het eerst bekend werd, ontbraken de middelen om haar te controleeren, en het is niet te verwonderen, dat men, vindende wat men daar vond, gekomen is tot het maken van de conclusie, die gemaakt werd. Toenmaals toch kon men niet weten, dat die oorkonde geheel voos is, en niemand was, zelfs nog jaren daarna, in het bezit van de gegevens om ih te zien, dat zij dat is.

Hoever dat evenwel gaat, zij hier, wat de hoofdzaken aangaat, even in het licht gesteld.

Hoe een oude pragdsti in elkander moet zitten, werd elders reeds medegedeeld '). Zulk een stuk is, en zulks is begrijpelijk, daar bet officieele acten zijn, geregeld; zulk een stuk draagt ook steeds de kenmerken van zijn tijd, en, ook dit werd elders reeds opgemerkt, iedere tijd heeft ook in dit opzicht zijn eigen kenmerken. De bedoelde oorkonde nu doet zich voor als een mengelmoes uit verschillende tijden, ook uit jongere dan de tijd, waaruit zij zou dagteekenen, en dat nog wel, terwijl zij ons een jaarcijfer geeft, dat op zeer weinige uitzonderingen na haast het oudste is dat men op Java aantrof.

Terwijl straks een overzicht over het stuk in zijn geheel zal volgen, dat zal kunnen doen zien op welk eene wijze het in elkander zit, hoe de onderdeden er van op elkander volgen en welke deze zijn, eerst iets over eenige details.

Het stuk wemelt van fouten, die men (thans) dadelijk zien kan, en zonder twijfel bevat het er nog meer, die nu nog niet eens in het oog springen, omdat

1) Groeneveldt, Catalogus dei- Archeologische Verzameling van het Bat. Gen. yan K. en W., 1887, bl. 365 en volgg.

Sluiten