Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beginsel/ dat het lichaam in een bepaalde tijds-eenheid, bijvoorbeeld in den tijd van één les, zoo groot mogelijken arbeid moet verrichten, of wil men, voortdurend in actie moet zijn. Dat men — gelijk bij de Zweedsche methode — de meer inspannende oefeningen door lichtere inleidende en afleidende oefeningen doet voorafgaan of volgen, doet aan de onjuistheid van dit beginsel niets af. Bij alle spier-inspanningen toch wordt onmiddellijk meer arbeid van het hart vereischt, die in de voornaamste plaats de stuwkracht heeft te leveren voor eene versterkte circulatie. Door mechanische en chemische oorzaken neemt verder de samentrekbaarheid van het spierweefsel al arbeidende af, en zijn steeds sterker prikkels en grooter sapen zuurstof-verbruik noodig, om de contracties tot stand te brengen. — Perioden van rust gedurende de les zijn dan ook een weldaad voor het arbeidende lichaam, en vooral ook voor het hart, dat onmiddellijk den invloed der rust ondervindt. Die rustperioden zijn ook goed voor een economisch stof-verbruik. Het mag het doel der oefening niet zijn, het lichaam zooveel mogelijk van zijn voedingssappen te laten verbruiken.

In welke mate het stofverbruik stijgt, kan blijken aan de behoeften van het hart zelf. In rust onttrekt het voor zijn werkzaamheid ongeveer 3'/2 °/o van de circuleerende zuurstof en voedingssappen, welk bedrag bij voortgezetten of krachtigen spierarbeid tot zelfs 15°/0 kan stijgen. In de korte rustpoozen nu verbruikt het weefsel een minimum aan stof, en hebben hart en spieren gelegenheid hun frisch contractie-vermogen te herwinnen.

Het Zweedsche stelsel houdt hiermede geen rekening. Zoolang de hartswerkzaamheid niet zoodanig wordt gestoord, dat onregelmatigheid in den hartslag optreedt, of verwijding van het hart geconstateerd kan worden, acht het de inspanning niet aan een limiet van duur of snelheid gebonden.

Maar dat door een en ander slijtage van hart en lichaam in de hand wordt gewerkt — en dat de gevolgen daarvan zich in den regel eerst later openbaren — dat wordt klaarblijkelijk over het hoofd gezien.

Sluiten