Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

leven stijgen. Geest en lichaam, ze zijn op elkaar aangewezen ook in het hoogste menschelijk streven. Wordt dit vergeten, Icarus demonstreert de gevolgen.

Er is een tijd geweest, die der ascetische dweepzucht, die het lichaam als een noodlottige kluister der ziel voorstelde — trouwens dat wórdt het ook, wanneer men het lichaam minderwaardig maakt. Maar nog wordt veelal de practijk beheerscht door een blinde vereering van een brokstukje van het geestelijk leven, het intellect, een vereering, die alleen kan wortelen in de dwaalidee van een tot in de blauwe ruimte nergens doorkruist parellelisme van lichaam èn geest. Voor dergelijke versleten speculatieve opvattingen is de tijd voorbij.

Bij een parallelisme van twee lijnen kan ik me de onderlinge afstand meer of minder groot voorstellen. Heeft de opvoeding der laatste eeuwen niet blijk gegeven zich blind te staren op één der twëe evenwijdigen, en de andere niet te zien, althans te negeeren? Gelukkig, dat onze tijd de vergeten lijn weer mede in de aandacht dringt, dat de afstand verkleinde, ja zoo minimaal werd, dat er aanraking en dus een samengaan ontstond, één en ondeelbaar.

„Lichaam en ziel zijn één, zijn twee uitdrukkingswijzen van één en hetzelfde oorspronkelijk wezen, zei reeds Spinoza, lichaam en ziel zijn één zegt de moderne natuurwetenschappelijke onderzoeker" (dr. Soesman), lichaam en ziel zijn één is de hoofdstelling der moderne physiologische psychologie.

Geestelijke processen verloopen niet ergens naast het lichaam maar gaan hand aan hand met lichamelijke functies. Geestelijke processèn gaan met stoffelijke veranderingen in de hersenen gepaard, vormen daar vermoeidheidsstoffen, die de hersencellen voor verdere functie ongeschikt kunnen maken. Maar deze vermoeidheidsstoffen doen ook elders in 't lichaam haar invloed gelden. Proeven hebben aangetoond, dat bij geestelijke vermoeidheid de capaciteit der skeletspier achteruit gaat.

De experimenten van mannen als Kraepelin, Mosso, Wundt, Neumann, Griesbach e. a. hebben bewezen, dat zielstoestanden, als lustgevoelens, de hartwerking aanzetten, de ademhaling prikkelen en de spierkracht verbeteren, dat deprimeerende gevoelens het omgekeerde resultaat hebben. De geestelijke overlading maakt het lichaam ziek.

„Aan den anderen kant leeren klinische ervaringen,

Sluiten