Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het volle daglicht met volkomen kennis van de werkelijke dingen in de kamer, terwijl ik toch andere zag die er niet waren) en de niet ziekelijke, alhoewel gevaarlijke toestanden van meer of minder opgewonden gemoedsstemming en te veel versnelde gedachte, die trapsgewijze opvoerde tot de ziekte, toenemende in actie gedurende de acht of tien dagen, voorafgaande aan het oogenblik dat mijn hoofd mij begaf (zooals men genoeg kan zien in het telkens onderbroken schrijven in de eerste uitgave van mijn aanteekeningen over de Turner tentoonstelling) ; en toch, tot aan het overgangsmoment van eerste hallucinatie, volkomen gezond, en in den vollen zin van het woord gezond van verstand; juist zooals de natuurlijke ontsteking rondom een genezende wond in het vleesch gezond is, tot aan de overgangsplaats waar het bij een crisis kan verkeeren in ziekte of zelfs vergiftige substantie. En het spoor van dezen min of meer ontstoken, maar toch nog volmaakt gezonden toestand van geestelijke kracht kan door eiken aandachtigen lezer in „Fors" gevolgd worden, bijna van het begin af, — terwijl die wijze van geestelijke ontbranding of irritatie voor het oogenblik een groote toevoegende kracht was, die mij in staat stelde helderder te onderscheiden en met meer leven te zeggen wat ik lange jaren op mijn hart had gehad.

Nu bemerkte ik, dat geen van mijn doctoren, over de ziekte sprekende, hetzij gedurende haar aanval of haar afnemen, ooit bedacht te onderscheiden, wat bepaaldelijk ziek was in de hersenwerking, van wat enkel genezend was — ware er tijd genoeg geweest — van de gewone natuur in mij. En in de tweede plaats maakten zij, door dit onderscheid niet te bemerken of ten minste niet te willen aannemen, noch voor 't meerendeel te be-

Sluiten