Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nota, houdende voorstellen betreffende een overgang van arbeidsovereenkomsten ondei? poenale sanctie naar vrijen arbeid.

INLEIDING.

Den 15en Maart 1918 ontvingen de planters vereenigingen een schrijven van den Gouverneur ter Oostkust van Sumatra, waarbij de Regeeringsbeslissing ter harer kennis werd gebracht' ¬ędat algeheele afschaffing der straf- en dwangbepalingen geen kwestie meer is, waarover valt te redetwisten en dat het binnen weinige jaren daartoe komen moet en zal".

Deze beslissing der Regeering werd den 20en Maart 1918 door den Directeur van Justitie, die in dien tijd hier ter kuste vertoefde, in een bijeenkomst met de plantersbesturen en de Arbeidsinspectie nog eens toegelicht, terwijl den 3en Juli 1918 van den Gouverneur een schrijven werd ontvangen met afschriften van de aan Zijne Excellentie den Gouverneur Generaal gerichte missive van den Directeur van Justitie van 4 Juni en van de daarbij behoorende nota van den Chef van den Dienst der Arbeidsinspectie van 18 Mei, waarin denkbeelden waren ontvouwd op welke wijze men tot de algeheele afschaffing der poenale sanctie zou kunnen komen.

Uit de zeer positieve mededeeling van den Directeur van Justitie blijkt den planters dus, dat de opvatting der Regeering is, dat ongeacht de gevolgen en wat er ook gebeuren moge, de poenale sanctie binnen korten tijd moet en zal worden afgeschaft en zelfs wordt door den Directeur van Justitie en den Chef van den Dienst der Arbeidsinspectie reeds een termijn genoemd, waarbinnen die afschaffing zal moeten plaats vinden.

Wij vragen ons af: hebben zich intusschen omstandigheden voorgedaan, waardoor thans een afschaffing der P. S. kan worden vastgesteld, waarvoor men in 1915 bij de vaststelling der nieuwe koelie-ordonnantie nog volstrekt den tijd niet gekomen achtte? Zijn misschien door de Regeering bijzondere maatregelen genomen of in uitzicht gesteld, waardoor thans de af-

Sluiten