Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. Toen zij te Jerusalem kwamen, * Verdween er de sterre meteen; * Zij gingen naar koning Herodes, * En vroegen: „Waar moeten wij heen; * Waar is er de Koning geboren, * Wiens sterre wij hebben aanschouwd,* Wij zijn ter aanbidding gekomen * Met mirrhe, met wierook en goud".

3. En toen zij daar hadden vernomen: * „NaarBethIenem moet ge dan gaan**, * Vertoonde zich weder de sterre, * En reisden zij blijde weer aan. * Zij vonden het koninklijk Kindje * En knielden aanbiddend terneer, * Met goud en met wierook en mirrhe, * En keerden vol dankbaarheid weer.

Sluiten