Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Om zoo, wanneer mijn rustvertrek Zich eens ontsluiten zal, Met grooter vreugde en sneller vlugt Te zweven door 't heelal.

/ DE MAAN.

O Dochter van den nacht! Tree voort in stille pracht, Met onbesmette stralen! Gij doet in mijne ziel, Mijne afgematte ziel,

Een zachte rust — een stil genoegen dalen.

O Zilveren Maan!

'k Zie ongestoord uw luister aan;

En in uw glans den gloed der zon;

Waar op mijn oog,

Dit sterfelijk oog,

Helaas niet staren kon.

O Zaligheid!

Zoo zie ik welgemoed

Den luistervollen gloed

Der hemelmajesteit

In mijnen Heiland pralen.

O Zaligheid!

Ik zie het ongenaakbaar licht, Met liefelijke stralen Op Jezus aangezicht!

O Zaligheid!

Zoo mag ik God aanschouwen, Met kinderlijk vertrouwen! Zoo mag ik God aanschouwen, In Jezus aangezigt L O Zaligheid!

Sluiten