Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn, doch omstreeks 1815 door de toen vastgestelde nieuwe landgrens kunstmatig zijn gescheiden en in twee verschillende landen zijn komen te liggen. *)

Het spreekt vanzelf, dat derhalve slechts weinigen nog het voorrecht door bedoelde tractaten geschonken, zullen kunnen inroepen. Doch zelfs zij, die zich in deze gelukkige omstandigheid bevinden, zullen zich jreelal, het moge dan onverplicht zijn, toch naar de Nederlandsche regelen ter zake van het grensverkeer hebben gevoegd, hetzij omdat zij ook land bezitten, ten opzichte waarvan de voordeden die de tractaten geven, niet golden, hetzij omdat zij van de hun krachtens die tractaten toekomende rechten onkundig waren.

In verband met een en ander laat het zich gereedelijk verklaren, dat het gemis aan overeenstemming tusschen voormelde tractaten en het nationaal Nederlandsch recht ter zake van het grensverkeer in de praktijk, voor zoover het der Staatscommissie uit de haar verstrekte deskundige voorlichting althans is gebleken, geene moeilijkheden heeft veroorzaakt. Het gevaar, dat dit in de toekomst anders zal worden, kan ook niet groot worden geacht, daar het aantal gevallen, waarin de tractaten op het hier besproken grensverkeer nog toepassing zullen kunnen erlangen, geleidelijk zal slinken.

Kunnen de bovengeschetste regelingen ter zake van grensbeweiding enz. nu geacht worden voldoenden waarborg uit een oogpunt van afwering van de ziekte op te leveren ?

Onvoorwaardelijk bevestigend kan hierop niet worden geantwoord en wel omdat leemten zijn overgebleven. Hierboven kon reeds blijken, dat in de tractaatsbepalingen betreffende het grensverkeer der gemengde eigenaren aan de sanitaire belangen in geen enkel opzicht aandacht is gewijd. Dit punt kan echter blijven rusten, in verband met de reeds getrokken conclusie, dat gemelde gemengde eigenaren, ondanks hun recht op vrij verkeer, zich toch naar de Nederlandsche grensverkeerregelen voegen.

Laatstbedoelde regelen zijn evenwel ook zelve onvolledig. Reeds werd in dit rapport geconstateerd, dat zij geen beschikkingen inhouden, opdat de autoriteiten dezerzijds van de grens van het al dan niet heerschen van besmettelijke ziekten aan gene zijde volkomen op de hoogte zijn. De praktijk redt zich nu wel op de reeds uiteengezette wijze, doch het blijft een bezwaar, dat men in ons land geheel afhankelijk blijft van buitenlandsche inlichting omtrent ziektegevallen aan gene

*) Het begrip 'grenslanderijen* van de regelen 1899 is daarentegen veel ruimer. Het criterium is daar, dat iemand èn in Nederland èn in Duitschland of België land bezit, in Nederland in grensgemeenten of binnen 5 K.M. van de grens. Die landen kunnen dus van elkaar verwijderd liggen en spreekt men in dit opzicht van gemengde eigenaren, dan zal zulks een veel ruimere beteekenis hebben.

Sluiten