Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wij stellen nu voor bijna dezelfde verdeeling als toen, wat de Aandeelhouders betreft. Toen zouden zij ontvangen de helft van 90 percent van de overwinst of 45 percent, nu 50 percent.

Deze 5 percent is noodig voor de amortisatie van de 4 millioen kapitaal van Batavia-Buitenzorg, waarvan boven gesproken is.

Het deel dat den Staat wordt toegewezen is echter minder dan toen om de verplichtingen aan de geldschieters te kunnen nakomen.

Bij de berekening van den huurprijs, hebben wy alleen genoemd wat de Maatschappij uit de exploitatie geniet, en niet wat van de ontvangsten gebruikt wordt tot aflossing van de Obligatiën der 3 percentsch leening.

De verplichting om daarvoor een gedeelte van de inkomsten van Batavia-Buitenzorg te gebruiken, zou dan eigenlijk op den Staat moeten overgaan, en gaat daarop door ons voorstel ook werkelijk over, en wel onder denzelfderi vorm, waarin deze gelden nu aan de leeners ten goede komen, namelijk door het Reservefonds van Samarang-Vorstenlanden, inplaats van dat van Batavia-Buitenzorg. Nu compenseert de 20 percent van de overwinst van eerstgenoemde lyn, wel niet geheel de 10 % van de bruto ontvangsten van Batavia-Buitenzorg, maar daar die cijfers, deze percenten voorstellende, wisselvallig en onzeker zyn, zullen de leeners tevreden zyn.

Voor den Staat blijft dan over een vijfde van de overwinst van Samarang-Vorstenlanden. Het geldelijk gevolg daarvan zou in 1879 geweest

zyn dat van de overwinst a ƒ 146.145.60

1I5 of „ 29.229.12

aan den Staat zou zijn toebedeeld, in plaats van ƒ 74.500 die hy nu heeft ontvangen, dat is minder ƒ 45.000.

Indien de overwinst ware geweest ƒ 74.000.— minder, zou het verschil zyn geweest ƒ 60.000.— en indien die winst ƒ 74.000.— meer had bedragen, zou er èen verschil van slechts ƒ 30.000.— hebben bestaan. Het verschil van 1879 is dus een gemiddelde voor winsten van 8 percent en minder, en kan daarom als grondslag van berekening worden genomen.

De in den aanvang gevondene winst van den Staat ... ƒ 94.000.

moet dus nog vermiderd worden „ 45.000.

en zou in 1879 hebben bedragen ƒ 39.000. x)

buiten rekening latende de besparingen die moegelijk onder cijfers zyn te brengen.

By' de jaarlyksche toename van ontvangsten komt dan de meerdere winst der exploitatie boven 1879 ten volle de bovengenoemde staatswinst vermeerderen.

•) ten rechte ƒ 49.000. E.

Sluiten