Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het aantal veehouders, hetwelk door deze schade werd getroffen is blijkens tabel II:

Noord-Brabant 6327

Gelderland , • 6978

Zuid-Holland (zonder het district Leiden) 5330

Noord-Holland 6897

Zeeland ȕtt . . 2363

Utrecht • ■ 2747

Friesland 9434

Overijssel (9 van de 60 gemeenten) 911

Groningen (23 van de 57 gemeenten) 1619

- Drenthe 1810

Limburg 3093

Totaal . . 47509

De gemiddelde schade per veehouder, waar de ziekte uitbrak bedroeg alzoo: ± ƒ487,50.

De gedifferentieerde opgaven in kolom 2 van tabel VI leeren intusschen, dat in drie gewesten de schade per veehouder, waar de ziekte uitbrak boven gemeld gemiddelde is gekomen. Het zwaarst is getroffen Noord-Holland, alwaar bedoelde schade gemiddeld ƒ 800,61 heeft bedragen, waarna Zuid-Holland (veeartsenijkundig district Rotterdam) met een gemiddelde van ƒ792,16, Utrecht met een gemiddelde van ƒ 708,52 volgt.

De overige gewesten olijven alle ver beneden deze cijfers; de gemiddelde schade per veehouder, waar de ziekte uitbrak, is blijkens tabel VI kolom 2 aldaar nl. als volgt geweest:

Friesland . ƒ 427,52

Noord-Brabant 377,36

Groningen _ 365,14

Zeeland |'Jr ...... 342,73

Gelderland . . „ 339,89

Limburg „' 274,37

Drenthe 162,98

Overijssel (9 gemeenten) „ 137,68

Gaat men de gemiddelde schade per veehouder waar de ziekte uitbrak, gemeentesgewijze na, dan blijkt het navolgende (zie tabel II):

in één gemeente stijgt bedoeld gemiddelde boven de ƒ3000,—, nl. in Maastricht, alwaar het ƒ4752,50 was;

Sluiten