Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van eenigen invloed ten goede op het verloop der ziekte is bij de toepassing van het geheimmiddel in geen enkel opzicht iets gebleken.

A 74. Middel van E. sanders te Amsterdam, gecontroleerd door de Commissie.

Het middel van dezen demonstrant bestaat uit een zalf, welke op de wondvlakten en in den mond, en tusschen de klauwen en de tepels moet worden gestreken.

Binnen drie dagen zou genezing mogelijk zijn; het proces zou dus sneller

verloopen. , •• tr

Een onderzoek naar de waarde van het middel had in Mei 1920 bij H.

Barten te Woerden plaats.

Het eerste dier was sinds 24 uur ziek, het was nog vlug en at nog. Bij inspectie van den mond bleken de tandelooze rand en de lip defect te zijn De tong zelf was normaal. Bij behandeling kreeg ook de tong een goede beurt, ondanks deze volkomen normaal was.

Een ander dier was 2 dagen ziek, het at alleen wanneer wat gras m den

mond werd gestopt.

De tandelooze rand en de lip waren bedekt met vellen. Ook de tong was

voor de helft rauw.

Het derde rund was 2 dagen ziek, en stijf. Het had wat eedust. De tong was nog bedekt met het geheel loszittende slijmvlies.

Van den tandeloozen rand was het vlies reeds losgelaten, van dit rund werd met een eigen middel deze plaats behandeld, de tong met de zalf.

Het vierde rund was 's morgens ziek geworden. Op den tandeloozen rand zat een groote lange blaar, gescheurd aan den onderrand. De tong was normaal. Over de vellen werd een zalf gesmeerd.

Geen enkel rund had tepelzeer.

Na drie dagen werd de toestand gecontroleerd.

Van het eerste rund was de tong vrij gebleven, de tandelooze rand nog met vellen bedekt, hoewel de wonden reeds een gezond uiterlijk vertoonden

Het 2de rund had nog vellen in den mond, en alles zag er zeer defect u,t.

Ook bij het 3de rund was geen verschil met den toestand bij de eerste waarneming.

Het 4e rund was niet in handen te krijgen en vergelijking dus niet mogelijk. Duidelijk bleek dat de behandeling ten eenenmale niet beantwoordde aan

hetgeen er van voorspeld was.

Hoewel de eigenaar bij dit laatste bezoek de uitspraak deed, dat of de zalf aan den staart of in den bek werd gesmeerd, dit geen onderscheid maakte, meende hij toch, dat het middel als tepelzalf wel eenige waarde had. Dit is met te verwonderen, wanneer men nagaat, dat uitwendige wonden, waarop het middel blijft zitten, onder elke zalfbehandehng gunstig worden beïnvloed.

Sluiten