Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tenslotte het genot van de reis. Er waren oogenblikken, waarop zij in stilte de Mirabeau er een verwijt van maakte, haar genot bedorven te hebben en waarop zij beiden mokkend zwegen in wederkeerig verwijt.

Doch bijna terstond sloeg^dat verwijt bij haar om in zelfverwijt omdat zij hem niet ontzien had.

Met iets als verlichting zag Henriëtte den Utrechtschen Dom oprijzen tegen de lucht; in Utrecht zouden hunne wegen zich scheiden.

De Mirabeau met Legrain reisden door naar Amsterdam; Henriëtte en Thérèse zouden een nacht in Utrecht overblijven en vroeg in den morgen per postwagen vertrekken in de richting Amersfoort—Zwolle om vandaar verder te reizen naar Friesland. In Zwolle zou zij haar neef Duco van Haren aantreffen, die een lang uitgestelde reis naar die stad opzettelijk nu deed om haar tegemoet te kunnen reizen.

De Mirabeau dacht twee weken in Amsterdam noodig te hebben; Henriëtte Amélie beloofde op den dag van het vertrek weder in Utrecht met nem samen te komen.

Hun afscheid in het logement, waar Henriëtte

Sluiten