Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door de eerste Revolutie ingezette werk pas recht voltooid en bevestigd hebben?

Voor zoover ze dus alleen critisch waren, mochten ze intelligent zijn, voor zoover ze daarbij ook nog gelooven en hopen moesten, waren ze weer verblind, onvrij, gebonden in liefde en haat, krachtens welken haat ze Napoleon den schuld gaven de Revolutie van haar doel te hebben vervreemd, zoodat het geloof in, de lief de voor het beginsel der Revolutie ongerept in hen bleef behouden. Juist zooals Rousseau's uitingen scherpzinnig zijn* wanneer hij breekt en onnoozel, zoodra hij „stichtelijk" wil wezen.

Het geloof in de Revolutie is dus niet alleen geenszins geschokt, het is daarentegen juist pas in en door de Revolutie geboren en gerijpt. Zij, die de Revolutie voorbereidden hebben niet geweten dat zij haar voorbereidden —, hun organisme was opstandig, naar hun begrip was het nog allerminst. Marnix laat in zijn Wilhelmus den opstandeling Willem I getuigen dat hij den koning van Spanje steeds heeft geëerd, behalve wanneer hij voor de „hoogere majesteit Gods" moest bukken, dat beduidt: voor zijn persoonlijk ideaal — vergetend hoezeer dit geldt voor eiken opstandeling — maar hij erkent nog den plicht tot gehoorzamen en het fiere woord, de formule van de eigenmachtigheid, de ongehoorzaamheid durft bij niet aan. Zoo precies staan de achttiendeeeuwsche wegbereiders tegenover hun eigen impulsen. Ook zij zijn nog met betrekkelijk-gezonde „bacillendragers" te vergelijken, wanorde zaaiend, waar ze spreken van harmonie. Schiller droomde nooit van een bloedige Revolutie — die hem, als zoovelen, als Goethe, afschrikte zoodra ze zekere grenzen te buiten ging — maar wel van een Blijde Wereld, zonder echter recht in te zien waar die dan wel, zonder Revolutie, vandaan zou moeten komen.

Sluiten