Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

terugvindt in „de verschijnselen'', in de zoogenaamd objectieve ervaring, waarvan hij dus ook niets leert dan die eigen immanente waarheden te formuleerenI Ware het anders, hoe zouden — niet ééns maar steeds — „apriorisme" eenerzijds en „observation et expérience" anderzijds tot dezelfde uitkomsten kunnen voeren?

Op het „axioma" van Spencer bouwt Sighele voort, maar hij weet toch al wel, dat het niet altijd opgaat in zijn volle rigorisme — dat collectiviteiten niet steeds zóó getrouw de eigenschappen der samenstellende individuen spiegelen, als Comte en Spencer het hebben gezegd, daarom keert hij nog eens tot de (volkomen ontoereikende en onlogische) vergelijking met de bouwsteenen terug en verklaart dat „non seulement l'homogeniêté, mais aussi 1'union organique est nécessaire entre les unités, afin que 1'agrégat qu'elles forment reproduise leurs caractères."

En deze homogeniteit, deze „union organique" vooral, zou dan bestaan tusschen... de leden eener familie of de individuen „qui appartiennent a la même classe de la société.'*" Zulk een „agrégat" moet een „organische eenheid" heeten! Ziedaar nog eens weer de oude maatschappelijke distinctie, de oude indeeling in kunstmatige groepen, als „werkelijkheid" voorgesteld, welke steeds door het Begrip reeds

door het onvoldragen begrip van het Humanisme — zijn enworden als onwerkelijk verworpen, plaats maken moeten voor de groote, diepe fundamenteele verschillen tusschen Geest en Geest, tusschen „Platonisch" en „Aristotelisch" temperament, tusschen „Man of Fact" en „Man of Idea", tusschen „Eenheidzoeker" en „Eenheidschuwer", „La foule est, en effet, un agrégat d'hommes hétérogène par excellence, puis qu'il est composé d'individus de tous les ages,, des deux sexes, de toutes les classes et de toutes les conditions sociales, de tous les degrés de moralité et de culture.."

Sluiten