Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn verheven hartstocht aan den eenen „anti-Goeze" voor, en den anderen na? En hoevelen zijn er niet, die hun leven belangeloos besteden om anderen er van te overtuigen, dat niemand overtuigd worden kan, wier gansche leven één inconsequentie, één logenstraffing van hun wijsheid is.

Altijd zal de wijze, als hem zijn redelijkheid ontglipt, terugvallen tot zijn vorigen staat en instinctief zal hij dan rechtvaardig wezen.

Wie kent niet het beeld van den zachtaardigen cynicus, van den theoreticus-zonder-moraal, die in het gewone leven de braafste en meestjnauwgezette aller menschen is? Redelijkheid voerde hem tot het verwerpen aller dogmatieke zederegels, maar uit zijn „vorigen staat" bleef hem de rechtvaardigheid jegens anderen bij.

En naast de „inconsequentie" van dezen cynicus bestaat de even bekende ..inconsequentie" van wie hard voor zichzelf en zacht voor anderen is. In de aanschouwing van het Absolute — bron van alle redelijkheid, bewust of onbewust — leerde hij de armzalige onvolmaaktheid van den mensch tegenover de onbegrensdé, grandioze mogelijkheden (eigenlijk: onmogelijkheden) van volmaking peilen. Aan dat Absolute toetst en proeft het redelijke in hem eigen kleinheid en legt zichzelf den allerhoogsten maatstaf aan, in voortdurende zelfverwerping — aan de eeuwige menschelijke onvolmaaktheid toetst en proeft het zachtmoedige in hem het streven der anderen en vergeefthen, waar ze falen. De litteratuur vertoont voortdurend het beeld van den nauwgezetten moraallooze en van den zachtaardigen zelfverguizer! En daarnevens dat van den „vroolijken pessimist" — die door de Rede noodzakelijkerwijs tot „pessirnistisch" inzicht kwam, maar die krachtens diezelfde Redelijkheid niet meer zoo sterk kan lijden onder het kleine leed, dat anderen neerslachtig maakt en daarom blijmoedig is. Zulk een „blijmoedige pessimist" as, naar eigen getuigenis, Anatole France!

Sluiten