Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelf niet zoo slecht, als zij hem oordeelde te zgn... Ach, was het leven op zichzelf al niet triest en dof genoeg...

Maar hij wilde, hij wilde in deze oogenblikken nu eens alleen rnstig-tevreden zgn. Was het geen geluk, geen groot geluk, dat de kinderen zijner moeder hereenigd waren ...

Hg hoorde Annemarie, met nauw-bedwongen trots in haar stem, verhalen van Peter's leergierigheid, van zgn intellect, van zijn goeden aanleg: Hij leert al Engelsch, nietwaar, Peter — en zelfs Latijn, ja zeker, tante Keetje, hij leert Latijn, hij is eerst op de school van 't Nut geweest, maar nu is hij op de Latijnsche school, moet u weten ...

Aagje schonk koffie uit den hoogen Saksisch porceleinen kan met het koperen kraantje, en Cornelius hielp haar de kopjes rond-geven en het gebak presenteeren; de zusters wilden deze familie-bijeenkomst niet door de aanwezigheid der dienstboden verstoord hebben.

Cornelius nam even Aagjé's hand in de zijne.

— Is 't nu waar, Aagje-lief, vroeg hg, met een lachje, dat teeder en droevig was, zijn we nu weer werkelijk „goed met elkaar," zooals we dat als kinderen plachten te noemen... Ach, kind, begrijp jij, hoe alles zóó is geloopen? Er was toch nooit iets gebeurd tusschen ons.

— Laten we daar niet over praten, Cornelius, verzocht zij zacht, toe, laten we dat liever niet doen... 't Is alles zoo vredig en heerlijk nu ... Weet alleen maar, dat ik nooit heb opgehouden

Sluiten