Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij dacht ten slotte haar rust te hebben gevonden. Maar nu zij zoo opeens Annemarie vóór zich zag, de bloeiende, gelukkige vrouw, de geliefde echtgenoote, de trotsche moeder, nu schrijnde er in haar weer een pijn, die zij tevergeefs te verhelen trachtte. Zij drukte het kleine kind aan haar hart, om haar zenuwhuiveren te verbergen, maar Cornelius had het smartelyknerveus vertrekken van haar mond gezien, en hij legde even zacht zijn hand op haar arm, en blikte haar zwijgend-vragend aan.

Maar zij glimlachte hem geruststellend toe, ook al stonden haar oogen vol tranen.

— 't Is niets, fluisterde zij. Ik dacht er alleen maar even over, hoe arm m'n leven altijd is geweest... Maar nu... en zij sloeg haar armen innig om het kleine meisje heen, nu zijn ze niet meer, nóóit meer, leeg, m'n armen...

Sluiten