Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en haastig van dit chapitre af, dat zij gaarne haar vage bezorgdheid op zjjde zette.

Ën nu bleken niet alleen zijn zaken hopeloos in de war te zijn, maar klaarblijkelijk had hij zelfs met onvergeeflijke lichtzinnigheid voortdurend aan den rand eener ruïne geleefd. Maar al spraken zij met elkander in zacht verwijt over Cornelius' onverantwoordelijk gedrag, te zeer waren zij gelukkig geweest in den omgang met hun broer, na dien zoovele jaren te hebben ontbeerd, dat zjj bjj Annemarie nog steeds vergoelijkende woorden voor hem vonden, en haar houding van harde onverzoenlijkheid afkeurden en betreurden.

Zjj waren er, op Annemarie's verzoek, getuigen van geweest, toen de notaris haar het eind-resultaat van zijn onderzoek mededeelde. Annemarie had er hen reeds op voorbereid, dat dit hoogst ongunstig zou zjjn, maar dezen ernst der feiten hadden zjj toch geen van allen verwacht. De zusters verborgen hun ontroering zoo goed zij konden, maar Annemarie, geënerveerd door wat zjj reeds had verdragen, in de ontzetting van haar schrik over wat zjj te hooren kreeg, had, toen zij weer alleen waren, het hartstochtelijk uitgekreten in een wanhoop, die den zusters een ver bij sterenden blik gaf op het huwelijksleven van Cornelius en Annemarie. Zij kon zich niet langer weerhouden, en klaagde en verweet, en openbaarde haar in al die jaren opgekropten wrok, op een wijze, die Keetje en Aagje angst aanjoeg, en hen niet sympathieker stemden voor Annemarie, van wie zjj nooit hadden leeren houden.

Sluiten