Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was er soms niets?... En plaagde zij zichzelve alleen maar met haar overspannen verbeelding!

Ach, er kon niets zijn... Want zou Keetje het anders ooit in haar hoofd gekregen hebben, om vroolijk te zeggen:

— Kom, neef Otto, bied nu eens als 'n galant cavalier aan freuletje Cornélie je arm.

Maar de onrust kneep haar hart weer samen, toen zij de twee zag gaan; licht boog hij naar het ranke meisjesfiguurtje over, en zij leunde zoo vertrouwensvol op zijn arm... o, dat was liefde op het eerste gezicht... zij zag het, zij voelde het, zij wist 't...

De toon aan tafel was vroolijk en geanimeerd. Keetje was in haar beste stemming; zij lachte en praatte, verkocht kwinkslagen, en was nog maar steeds niet uitgesproken over het „gevaar", dat zij ondergaan hadden, en over hun gelukkige „redding". En zij vertelde van de praatjes, die er hadden geloopen, als zou het oproer aangestookt zijn door den bankier van Asten, die het geheime doel had, om in plaats van den burgemeester te komen, en hoe toen de burgemeester met van Asten in een open rijtuig door de stad had gereden als démenti... En Aagje die zich geheel terug-gevallen voelde in haar zielstoestand van jaren en jaren her, toen zij eigenlijk voortdurend leefde in een soort van stille wanhoop, vroeg zich met verbazing af, of dit dezelfde Keetje was, die zij toen nooit anders had gezien, dan berustend bleek, met een lusteloozen mond, en doffe, starende oogen... 0,

Sluiten