Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het gehalte van een bier aan koolzuur, is nogtans niet zeer hoog, het bedraagt hoogstens voor gerstebieren 0,4 en voor schuimend witbier 0,7 °/0.

Het koolzuur is in het bier niet gebonden, het is er maar in opgelost; nogtans is deze oplossing verschillend van degene in zuiver water. De suiker-, de proteïn-en de andere extractiefstoffen van het bier houden het gas om zoo te zeggen als in eene Emulsie vast.

Dat het gistingsgas in het bier niet gebonden is, heeft'zijn bewijs in de daadzaak, dat het bier zijn koolzuur bijna gansch verliest indien het aan zijne oppervlakte met de lucht in aanraking blijft; men moet dus, om koolzuur in het bier te behouden, het met eene koolzuurschicht bedekken, en niet met lucht, zooals dit in vele lokalen nog het geval is.

Het koolzuurgas wordt tegenwoordig op vele plaatsen en in zeer groote hoeveelheden opgevangen, en na een wasschingproces ondergaan te hebben, door sterke perspompen in stalen cylinders tot een vocht ineengedrukt, en alzoo in den handel gebracht.

Het grootste gedeelte van dees gas is direct de aarde ontstroomd en het overige is bereid ofwel uit magnesit, kalk of coks, ofwel is, het opgevangen als gistingskoolzuur in de stokerij of brouwerij.

De Praktijk der Moutbereiding.

Hetkiemproces is onder chemisch- en physiologisch oogpunt een zeer gecomplikeerd iets en berust, zooals wij uit het voorgaande hebben kunnen zien, op ver&hillende enzymatische werkingen. De meeste enzymen bevinden zich reeds vóór de kieming in groote hoeveelheden in de graankorrel; alleen de amylase en de peptase, die beide voor de gistingindustrie wel de voornaamste zijn, moeten er door het kiemproces nog ingebracht, ten minste, » nog in versterkt worden. Het is dus voornamentlijk om dees doel te bereiken, dat het graan aan een kiemproces onderworpen wordt.

Het kiemproces deelt men in twee verschillende operaties :

1. — In het weeken of zwellen, en

2. — In het kiemen of wassen laten van het graan.

De opwekking der levenskracht in de korrel is aan de volgende voorwaarden verbonden :

1. — Aan het voorhanden zijn, in de korrel, eener zekere hoeveelheid vochtigheid.

2. — Aan een zekere warmtegraad, die niet onder 8° of ook niet boven 290 C. liggen mag.

Sluiten