Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voert men in menige brouwerijen maar twee Dickmaischkokingen en geene Lautermaischkoking uit. Om in dees geval snel de juiste versuikeringstemp. en de volledige extractie van het mout te bereiken, is het aan te raden het mengen niet met water van gewone temp., maar seffens met water van 50° C. te beginnen.

Men gebruikt beste Boheemsche hop.

In eene brouwerij te Hasselt, die om haar gelijkmatig en goed ondergistigbier gekend is, bereidt men eene soort Pilsener als volgt : Men stort 450 kgr. goed mout l bij 66° C. versuikeren 50 » maïs ; gelaten.

2 decocties nemen. 11 dagen in staanders, bij 70 C. laten gisten; dan 1 maand bij 40 C. in liggende ketels (Pfandlertanks). In deze ketels komt beste hop bij het bier; de drukking wordt regelmatig tusschen 0,3 a 0,4 atmosfeer gehouden.

Het bier wordt niet geklaard, doch door filters op vaten of flesschen afgetrokken.

Densiteit der wort = 1,032 a 1,033.

Prijs van het bier = 15 fr. per hectoliter.

De bereiding van Troebelwitbieren,

Seef en Leuvensch.

Het troebelwitbier was eertijds in de Nederlanden zeer verspreid en gezocht, doch langzamerhand heeft deze soort van bier het veld moeten ruimen voor de klare en alcoholrijkere 'boven- en ondergistige zoogenaamde gerstebieren. Veel schuld daaraan droeg een der uitwassingen van de zoo plots opkomende wetenschap der microbiologie. De troebelwittebieren werden vlakaf voor ongezond verklaard, omdat men meende dat daarin te veel gistcellen en vooral te veel zuurverwekkende bacteriën voorkwamen, die de oorzaak konden worden van ziektens of toch ten minste van veel ongemakken, zooals gistingen in maag en darmen. Zij werden dan ook verboden — in tegenstelling met de klare gerstebieren — bij diarrhée en cholera.

Het schijnt gansch natuurlijk, dat men bij dergelijke ziekten alles wat sommige menschen min of meer tot stoelgang dwingt, verbiedt. Doch met het oog op den tegenwoordigen stand der wetenschap, is het zeer te betwijfelen dat men daarmee wel een goede maatregel getroffen had, want het staat heden vast dat de niet-pathogene micro-organismen, zooals de gist en de melkzuurstaafjens kamp- of vechtstoffen kunnen afscheiden, waarmêe zij den, in hunne nabijheid komenden vijand (— dat zijn micro-

Sluiten