Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op verweg de meeste plaatsen vertapt men het bier bij middel eener pomp. Vroeger bestond de pompbuis uit lood, doch daar dees metaal een weinig in bier oplost en uiterst schadelijk voor de gezondheid is, zoo heeft de regeering zich genoodzaakt gezien het gebruik van looden buizen te verbieden. Men gebruikt dus buizen uit tin, vertind koper, ijzer, glas of caoetchoec. In groote restauraties gebruikt men druktoestellen in plaats van pompen, hierdoor wordt een druk op het bier langs boven in het vat uitgeoefend, zoodat hetzelve langs een aan de kraan verbonden buisje naar de schenkkamer geperst wordt. Men heeft aan het buffet maar een kraantje te openen om het glas met bier te vullen. Als drukmiddel gebruikt men lucht of koolzuurgas, of soms beide gemengd. De lucht moet gezond en goed gefiltreerd of gewasschen zijn, want zij kan het bier niet alleen hare kiemen maar ook haren slechten reuk overplanten. Het gebruik van koolzuur is het verkieslijkste, het is een product der gisting en een voornaam natuurlijk bestanddeel van het bier. Door het bier onder een koolzuurdruk af te tappen, voorkomt men dat het flauw of schraal wordt en het laatste glas van het vat zal even frisch, prikkelend en smakelijk zijn als het eerste. Een hooge druk aanwenden is niet noodig, men bekomt dan te veel schuim in het glas, en, door de hevige ontsnapping van het koolzuur, wordt ook nog dat koolzuur meêgerukt dat eigenlijk in het bier zou moeten blijven. Een met koolzuur oververzadigd bier, dat bij normaal gasgehalte volmondig, rond, malsch en aangenaam bitter zou smaken, smaakt gehaltloos en dun. Om eene oververzadiging met koolzuur te voorkomen, moet men eene zelfregelende ventil gebruiken, die op een bepaalde druk (circa >/4 atmosfeer) in 't vat geregeld is en zich maar zooveel opent dat deze druk gedurende den ganschen vertappingsduur onverandert behouden blijft. Daar i lit. koolzuur ongeveer 2 gr. weegt, zoo zou men theoretisch met een cylinder koolzuur van 10 kgr. circa 5000 lit. bier moeten kunnen aftappen; doch, door verlies door afdichtingen en poriën van 't vat, kan men in de praktijk er maar gemiddeld 3800 lit. bier meê aftappen.

Diegenen welke direct van 't vat tappen en ook van de voordeelen van het vertappen door koolzuur zouden willen profiteeren, doch tegen een overdruk van koolzuur zijn, moeten hunne reduceerventil zoo reguleeren dat de koolzuurdruk in het vat niet hooger is als de atmosfeerische luchtdruk. Op deze wijze dient het koolzuur alleenlijk tot vervanging der anders in het vat dringende lucht. Indien men het bier verkoelen wil, doet men best het

Sluiten